ECLI:NL:RBAMS:2012:BV6163

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
10 februari 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
508480 / KG ZA 12-69 MW/MV
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Kort geding
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 50 RvArt. 55 RvArt. 117 RvArt. 119 Rv
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Geen verstek bij onjuiste dagvaarding in kort geding over internetpublicaties

Eisers hebben een kort geding aangespannen tegen gedaagden, waaronder een natuurlijke persoon woonachtig in het buitenland en een stichting statutair gevestigd in Amsterdam, vanwege publicaties onder de domeinnaam klokkenluideronline.nl. De dagvaarding werd betekend aan het kantooradres van SIDN, de domeinnaambeheerder, op grond van de algemene voorwaarden van SIDN.

De voorzieningenrechter oordeelt dat deze wijze van dagvaarding niet rechtsgeldig is omdat de vorderingen niet zien op het abonnement of de domeinnaam zelf, maar op de inhoud van de publicaties. Daarnaast is de dagvaardingstermijn niet correct in acht genomen; de termijn was één dag te kort.

Gedaagden zijn niet verschenen, maar gedaagde sub 1 heeft per e-mail laten weten niet aanwezig te kunnen zijn en toont daarmee kennis van de dagvaarding. Desondanks is dit onvoldoende voor verstekverlening vanwege de onjuiste dagvaarding en termijnoverschrijding.

De zaak wordt aangehouden en voortgezet op 1 maart 2012, waarbij eisers worden opgedragen gedaagden opnieuw te dagvaarden, onder meer via e-mail en aangetekende post, met inachtneming van de juiste termijnen en betekeningsregels. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

Uitkomst: Verstek wordt niet verleend wegens onjuiste dagvaarding en termijnoverschrijding; zaak aangehouden tot 1 maart 2012.

Uitspraak

vonnis
RECHTBANK AMSTERDAM
Sector civiel recht, voorzieningenrechter
zaaknummer / rolnummer: 508480 / KG ZA 12-69 MW/MV
Vonnis in kort geding van 10 februari 2012
in de zaak van
1. de maatschap
[advocaat 1] & [advocaat 2] ADVOCATEN,
gevestigd te Utrecht,
2. [advocaat 2],
wonende te [woonplaats],
3. [advocaat 1],
wonende te [woonplaats],
eisers bij dagvaarding van 30 januari 2012,
advocaat mr. M. Vissers te Utrecht,
tegen
1. [gedaagde sub 1],
wonende te Laos,
2. de stichting
STICHTING KLOKKENLUIDERONLINE.NL,
statutair gevestigd te Amsterdam,
gedaagden,
niet verschenen.
1. De procedure
1.1. Ter terechtzitting van 6 februari 2012 hebben eisers gesteld en gevorderd overeenkomstig de in fotokopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding. Zij hebben het petitum van de dagvaarding gewijzigd, welke wijziging is opgenomen in hun pleitnota. Van die pleitnota zal eveneens een fotokopie aan dit vonnis worden gehecht. Vervolgens hebben eisers verzocht vonnis te wijzen.
1.2. Over de vraag of tegen de niet verschenen gedaagden verstek kan worden verleend wordt het volgende overwogen. Gedaagde sub 1 is houder van de domeinnaam klokkenluideronline.nl. Deze domeinnaam staat geregistreerd bij SIDN. In de algemene voorwaarden van SIDN (artikel 1.1 versie 17 maart 2010) is onder meer het volgende opgenomen:
Een aanvrager die buiten Nederland is gevestigd aanvaardt dat het kantooradres van SIDN door SIDN en derden rechtsgeldig gebruikt kan worden om dagvaardingen en andere exploten met betrekking tot het abonnement of de domeinnaam aan de houder uit te brengen.
Op grond van deze bepaling hebben eisers gedaagden gedagvaard op het kantooradres van SIDN. De voorzieningenrechter is van oordeel dat op deze grond geen verstek kan worden verleend. De vorderingen die in dit geding zijn ingesteld zien immers niet op het abonnement of de domeinnaam, doch op hetgeen onder die domeinnaam op het internet door gedaagden wordt geopenbaard.
1.3. Bovendien is de juiste termijn van dagvaarden niet in acht genomen. Bij het vaststellen van die termijn, die volgens de wet tenminste één week bedraagt, dienen immers de dag waarop het exploot is uitgebracht en de dag waartegen is gedagvaard, niet te worden meegerekend (zie artikel 119 Rv Pro). De termijn die in dit geval in acht is genomen, is derhalve één dag te kort.
1.4. De conclusie tot zover is dat gedaagden niet op de juiste wijze zijn gedagvaard en dat om die reden vooralsnog geen verstek kan worden verleend.
1.5. Gedaagde sub 1 heeft op 6 februari 2012 omstreeks 8.00 uur aan de rechtbank een e-mail gezonden, waarin hij onder meer schrijft dat hij niet op de zitting aanwezig kan zijn. Uit deze e-mail, die in kopie aan eisers is verzonden, blijkt dat gedaagde sub 1, die tevens bestuurder is van gedaagde sub 2, op de hoogte is van de inhoud van de dagvaarding. Dit is echter in de gegeven omstandigheden onvoldoende om verstek te kunnen verlenen, met name omdat de dagvaardingstermijn niet in acht is genomen. Wel wordt hierin aanleiding gezien om de onderhavige zaak aan te houden tot donderdag 1 maart 2012 om 11.00 uur en om eisers de gelegenheid te geven gedaagden bij exploot opnieuw op te roepen. Aan dit exploot dient een kopie van dit vonnis, de dagvaarding en de pleitnota te worden gehecht.
1.6. Ten aanzien van gedaagde sub 1, die in het buitenland woonachtig is, dienen eisers de weg te volgen van artikel 55 Rv Pro. Indien niet de juiste oproepingstermijn in acht kan worden genomen, geldt dit vonnis als een beschikking van de voorzieningenrechter in de zin van artikel 117 Rv Pro, inhoudende dat de termijn wordt verkort tot ten minste tien dagen. Ten aanzien van gedaagde sub 2 geldt dat zij blijkens de dagvaarding statutair gevestigd is te Amsterdam. Op grond van artikel 50 Rv Pro dient het exploot echter te worden betekend aan het kantooradres of aan het adres van een bestuurder. De betekening van het exploot van oproeping kan ten aanzien van gedaagde sub 2 dan ook op dezelfde wijze geschieden als aan gedaagde sub 1. Blijkens artikel 117 Rv Pro kan de voorzieningenrechter aan verkorting van de betekeningstermijn voorwaarden verbinden. De voorwaarden die in de onderhavige zaak zullen worden gesteld zijn de volgende. Eisers dienen gedaagden tevens op te roepen voor deze zitting door middel van het van gedaagde sub 1 bekende e-mailadres [e-mailadres] en door middel van het zenden van een aangetekend poststuk naar het van gedaagde sub 1 bekende adres in Laos. Het verzenden van de e-mail en het poststuk moeten plaatsvinden uiterlijk tien dagen voor de datum waarop de behandeling wordt voortgezet.
1.7. Deze zaak zal derhalve worden voortgezet op donderdag 1 maart 2012 om 11.00 uur. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.
2. De beslissing
De voorzieningenrechter
2.1. bepaalt dat de behandeling van deze zaak zal worden voortgezet op donderdag 1 maart 2012 om 11.00 uur,
2.2. houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. van Walraven, voorzieningenrechter, en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier mr. M. Veraart op 10 februari 2012.?