ECLI:NL:RBAMS:2012:BV6347
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Intrekking exploitatievergunning coffeeshop wegens grote softdrugvoorraad en risico's voor openbare orde
De eigenaar van coffeeshop Extase te Amsterdam verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening tegen het besluit van de burgemeester om de exploitatievergunning in te trekken. Dit besluit was genomen nadat bij een medewerker van de coffeeshop ruim 8 kilo softdrugs was aangetroffen, wat een strafbaar feit vormt.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de aangetroffen hoeveelheid softdrugs niet tot de handelsvoorraad van de coffeeshop kon worden gerekend omdat deze niet direct beschikbaar was voor verkoop. Desondanks werd de intrekking van de vergunning als rechtmatig beschouwd, omdat het voorhanden hebben van een dergelijke grote voorraad softdrugs en het opdragen van bewaring aan een werknemer getuigt van slecht levensgedrag en slechte bedrijfsvoering. Dit vormt een gevaar voor de openbare orde en het leefklimaat rondom de coffeeshop.
Het beroep op het gelijkheidsbeginsel slaagde niet omdat niet was aangetoond dat in vergelijkbare gevallen anders was gehandeld. De voorzieningenrechter vond dat het algemene belang bij handhaving van de openbare orde zwaarder woog dan het belang van de exploitant bij voortzetting van de exploitatie. Het verzoek tot voorlopige voorziening werd daarom afgewezen en het besluit tot intrekking van de vergunning werd voorlopig gehandhaafd.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening wordt afgewezen en de intrekking van de exploitatievergunning wordt bevestigd.