ECLI:NL:RBAMS:2012:BV6463
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onjuiste berekeningsmethode bij herziening bijstandsuitkering volgens WWB
Eiseres ontvangt bijstand op grond van de WWB en kreeg een herziening en terugvordering opgelegd door verweerder vanwege ontvangen giften van haar moeder. Verweerder berekende de middelen gemiddeld per maand, terwijl de WWB voorschrijft dat middelen per kalendermaand moeten worden beoordeeld. De rechtbank oordeelt dat verweerder zich niet uitsluitend op de verklaringen van eiseres had mogen baseren, maar ook op bankafschriften die concrete stortingen aantonen.
De rechtbank stelt vast dat de giften als middelen moeten worden aangemerkt, maar dat de berekeningsmethode van verweerder strijdig is met de WWB. De herziening en terugvordering over januari tot juni 2011 worden vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven deels in stand omdat eiseres daadwerkelijk middelen heeft ontvangen. Voor de periode vanaf juli 2011 wordt de korting op de bijstand verlaagd van €81,66 naar €40 per maand, omdat geen extra stortingen meer zijn aangetoond.
De rechtbank veroordeelt verweerder tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit wordt vernietigd voor zover het de herziening en korting betreft. De uitspraak is openbaar en hoger beroep is mogelijk bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot herziening en terugvordering van bijstand wordt vernietigd; de korting op de uitkering wordt verlaagd naar €40 per maand vanaf juli 2011.