ECLI:NL:RBAMS:2012:BW1124
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering belegger wegens niet tijdig klagen over perpetuele obligaties
De zaak betreft een geschil tussen een belegger en ABN Amro over de advisering en aankoop van perpetuele obligaties. De belegger stelt dat ABN Amro hem niet heeft geïnformeerd over de specifieke risico's en nadelen van deze obligaties, waardoor hij onder dwaling de overeenkomsten heeft gesloten. Hij vordert vernietiging van de overeenkomsten en betaling van een schadevergoeding.
De rechtbank oordeelt dat de belegger niet binnen bekwame tijd heeft geprotesteerd over het vermeende gebrek in de dienstverlening, zoals vereist door artikel 6:89 BW Pro. Uit verklaringen blijkt dat de belegger al in 2005 op de hoogte was van de aard en risico's van de perpetuele obligaties, maar pas medio 2009 een klacht indiende. Dit is te laat, waardoor hij zijn rechten heeft verloren.
De vorderingen worden daarom afgewezen. De rechtbank veroordeelt de belegger in de proceskosten en wijst de wettelijke rente toe vanaf veertiende dag na betekening van het vonnis. De overige geschilpunten blijven onbesproken vanwege het ontbreken van belang.
Uitkomst: Vorderingen van belegger tegen ABN Amro worden afgewezen wegens niet tijdig klagen over gebrekkige advisering.