ECLI:NL:RBAMS:2012:BW6170
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling Zvw-buitenlandbijdrage voor in Frankrijk woonachtige gepensioneerde
Een in Frankrijk woonachtige gepensioneerde betwistte de aan hem opgelegde Zvw-buitenlandbijdrage over de jaren 2006 en 2007. Hij voerde aan dat zijn Nederlandse particuliere verzekering per 1 januari 2006 was geëindigd, waardoor hij een duurdere aanvullende verzekering moest afsluiten, en dat de bijdrage onterecht ook een AWBZ-deel bevatte. De rechtbank oordeelde dat de bijdrage rechtmatig is berekend op basis van het Nederlandse wettelijke stelsel, met toepassing van de woonlandfactor die rekening houdt met de kosten van zorg in het woonland.
De rechtbank stelde vast dat de bijdrage geen belasting is maar een sociale bijdrage, en dat er geen sprake is van een ongerechtvaardigd onderscheid tussen ingezetenen en niet-ingezetenen met een Nederlands pensioen die in een ander EU-land wonen. Ook het betoog dat sprake zou zijn van dubbele betaling voor zorg werd verworpen, omdat de zorgkosten in Frankrijk via het woonlandpakket worden gedekt en de bijdrage aan Nederland daarvoor een rechtmatige compensatie is.
De rechtbank verwees naar eerdere uitspraken van de Centrale Raad van Beroep en het Hof van Justitie van de EU die deze lijn ondersteunen. De vraag of Nederlandse zorgverzekeraars hun acceptatieplicht jegens niet-ingezetenen correct naleven, behoort tot de burgerlijke rechter. Het beroep werd ongegrond verklaard zonder toekenning van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de Zvw-buitenlandbijdrage wordt ongegrond verklaard en de bijdrage wordt bevestigd.