ECLI:NL:RBAMS:2012:BW8334
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Sj.A. Rullmann
- Rechtspraak.nl
Verbod op publicatie programmagegevens zonder toestemming van omroepen
In deze zaak vorderden de Nederlandse Publieke Omroep (NPO) en diverse commerciële omroepen een verbod tegen De Telegraaf om programmagegevens voor een hele week te publiceren zonder hun toestemming. De Telegraaf had in juni 2012 een gratis omroepblad verspreid met programmagegevens voor de daaropvolgende week, wat de omroepen als inbreuk op hun rechten beschouwden.
De voorzieningenrechter oordeelde dat programmagegevens zelf geen auteursrechtelijke bescherming genieten omdat zij een feitelijke opsomming zijn zonder creatieve keuzes. Wel is er bescherming op grond van geschriftenbescherming (artikel 10 Aw Pro) en de Mediawet 2008, die het openbaar maken van programmagegevens zonder toestemming verbiedt. De rechter kon niet vooruitlopen op een mogelijke wetswijziging en verwierp het verweer van De Telegraaf dat recente EU-rechtspraak tot vrij gebruik zou leiden.
De Telegraaf werd veroordeeld om te staken met de publicatie van programmagegevens die verder reiken dan de toegestane periode van 24 uur na publicatie (48 uur in het weekend). Tevens werd een dwangsom van €200.000 per overtreding opgelegd, met een maximum van €1.000.000. De proceskosten werden aan De Telegraaf opgelegd. De uitspraak bevestigt het exclusieve recht van omroepen op programmagegevens en onderstreept het belang van politieke besluitvorming over auteursrechtelijke kwesties.
Uitkomst: De Telegraaf is verboden programmagegevens zonder toestemming van de omroepen te publiceren en krijgt een dwangsom opgelegd bij overtreding.