ECLI:NL:RBAMS:2012:BX0646
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen brieven in Wob-procedure
Eiseres heeft een Wob-verzoek ingediend voor documenten met betrekking tot een beschikking en verkeersovertreding. Verweerder heeft stukken verstrekt en betoogd dat op 16 maart 2011 is beslist op het verzoek. Eiseres stelde dat verweerder te laat een dwangsombesluit nam en dat brieven van 31 mei en 23 juni 2011 wel besluiten zijn. Verweerder stelde dat deze brieven slechts verwijzingen zijn naar eerdere correspondentie en geen besluiten.
De rechtbank oordeelt dat de brief van 31 mei 2011 geen besluit is in de zin van artikel 1:3 Awb Pro, omdat deze niet op rechtsgevolg is gericht maar een standpunt bevestigt. Het bezwaar tegen deze brief is daarom terecht niet-ontvankelijk verklaard. Verder is het terecht dat verweerder heeft afgezien van het horen van eiseres op grond van artikel 7:3 Awb Pro.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Het gedeelte van het beroep tegen de niet-ontvankelijkheid van het bezwaar tegen de brief van 23 juni 2011 is door eiseres ingetrokken en behoeft geen bespreking.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat de brieven geen besluiten zijn en het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard.