ECLI:NL:RBAMS:2012:BX1494
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank oordeelt over onrechtmatigheid AMK-melding door kindertherapeute
De zaak betreft een geschil tussen een kindertherapeute en een cliënt die meent dat de therapeut onrechtmatig heeft gehandeld door een melding te doen bij het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling (AMK) op basis van vage signalen. De therapeut had een melding gedaan nadat de therapie abrupt was stopgezet en er zorgen bestonden over het welzijn van het kind.
De rechtbank stelt dat meldingen bij het AMK in beginsel niet onrechtmatig zijn, ook niet als achteraf blijkt dat mishandeling niet heeft plaatsgevonden. De zorgvuldigheid van de melder is hierbij van belang, vooral bij professionals die een melding doen. De therapeut had volgens de rechtbank een vermoeden van kindermishandeling gebaseerd op concrete signalen en handelde volgens de geldende meldcode.
Hoewel de klachtencommissie van de beroepsvereniging de therapeut onzorgvuldig achtte, vernietigde de rechtbank Zwolle-Lelystad dat bindend advies wegens procedurele en inhoudelijke gebreken. De rechtbank Amsterdam is niet gebonden aan dat advies en oordeelt dat de therapeut zorgvuldig heeft gehandeld door het belang van het kind boven dat van de cliënt te stellen.
De vorderingen van de eiser worden afgewezen en hij wordt veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak benadrukt het belang van bescherming van kinderen en de ruimte voor professionals om meldingen te doen bij het AMK zonder onnodige drempels.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering af en oordeelt dat de kindertherapeute zorgvuldig heeft gehandeld bij het doen van de AMK-melding.