ECLI:NL:RBAMS:2012:BX2912
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vreemdelingen als zelfstandige ondernemers en onrechtmatige boete Wet arbeid vreemdelingen
Eiseres kreeg een bestuurlijke boete van €48.000 opgelegd wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav) omdat zij zes vreemdelingen zonder tewerkstellingsvergunning zou hebben laten werken.
De rechtbank onderzocht of de vreemdelingen als werknemers of als zelfstandige ondernemers moesten worden beschouwd. Hierbij werd aansluiting gezocht bij de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, met name het arrest Jany (C-268/99). De vreemdelingen waren ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, sloten overeenkomsten met variërende aanneemprijzen, werkten met eigen gereedschap en waren zelf aansprakelijk voor de kwaliteit van hun werk.
Hoewel er toezicht en instructies werden gegeven door een medewerker van de hoofdaannemer, achtte de rechtbank dit onvoldoende om een gezagsverhouding aan te nemen. De vreemdelingen ontvingen de volledige prijs rechtstreeks en droegen zelf de verantwoordelijkheid, wat wijst op zelfstandigheid.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en herroept het primaire besluit. Tevens werden de proceskosten en griffierecht aan eiseres toegewezen.
Uitkomst: De bestuurlijke boete wordt vernietigd omdat de vreemdelingen als zelfstandige ondernemers worden beschouwd en geen tewerkstellingsvergunning vereist was.