ECLI:NL:RBAMS:2012:BX9818
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen gerechtvaardigd vertrouwen in definitieve pgb-verantwoording na intensieve controle
Eiseres ontving een persoonsgebonden budget (pgb) voor de periode van 25 februari tot en met 31 december 2009. Na een eerste akkoordverklaring van de verantwoording over de eerste helft van 2009, vond een intensieve controle plaats waarbij bleek dat niet alle zorguitgaven konden worden aangetoond.
De rechtbank stelde vast dat de brief waarin de verantwoording werd geaccordeerd expliciet vermeldde dat een intensieve controle nog kon leiden tot aanpassing van de bedragen. Hierdoor kon eiseres geen onvoorwaardelijk vertrouwen ontlenen aan de geaccordeerde verantwoording.
Daarnaast was eiseres verplicht een deugdelijke boekhouding te voeren en bewijs te leveren dat het pgb aan geïndiceerde zorg was besteed. Het enkele feit dat de verantwoording eerder was geaccordeerd, verschuift de bewijslast niet naar de verweerder.
De rechtbank concludeerde dat geen sprake was van schending van het rechtszekerheidsbeginsel of het vertrouwensbeginsel. Het beroep van eiseres tegen de terugvordering werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de terugvordering van het pgb is ongegrond verklaard.