ECLI:NL:RBAMS:2012:BY1423

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
17 augustus 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
13/660425-12 (Promis)
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 246 SrArt. 36f Sr
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak wegens ontbreken bewijs voor poging tot verkrachting en ontuchtige handelingen

Op 17 augustus 2012 heeft de rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd verdacht van poging tot verkrachting en het plegen van ontuchtige handelingen op of omstreeks 10 mei 2012 in Amsterdam.

De officier van justitie vorderde een gevangenisstraf van 15 maanden en een schadevergoeding van €750,-. Verdachte werd ervan beschuldigd de aangeefster te hebben bedreigd met verkrachting, haar vast te pakken en ontuchtige handelingen te verrichten. De verdediging pleitte vrijspraak.

De rechtbank oordeelde dat het plaatsen van de hand op het lichaam tussen hals en linkerborst geen ontuchtige handeling is zoals bedoeld in artikel 246 Sr Pro. Ook was de bedreiging met verkrachting onvoldoende concreet en ernstig om redelijke vrees te rechtvaardigen. De woorden van verdachte werden gezien als uiting van seksuele wens, niet als bedreiging.

Gezien het ontbreken van bewijs voor de ten laste gelegde feiten verklaarde de rechtbank deze niet bewezen en sprak verdachte vrij. Tevens werd het bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven en de vordering van de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor poging tot verkrachting en ontuchtige handelingen.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM
VONNIS
Parketnummer: 13/660425-12 (Promis)
Datum uitspraak: 17 augustus 2012 (bij vervroeging)
Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen
[verdachte],
geboren te [plaats] op [1971],
niet ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens,
opgegeven verblijfadres: [adres] te [plaats],
gedetineerd in het Huis van Bewaring “[locatie]” te [plaats].
1. Het onderzoek ter terechtzitting
Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 16 augustus 2012.
De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. R. Vorrink en van wat verdachte en zijn raadsman, mr. Th.O.M. Dieben, naar voren hebben gebracht.
2. Tenlastelegging
Aan verdachte is ten laste gelegd dat hij op of omstreeks 10 mei 2012 te Amsterdam, in elk geval in Nederland ter uitvoering van het door hem voorgenomen misdrijf om door geweld en/of een (andere) feitelijkhe(i)d(en) en/of door bedreiging met geweld en/of met een (andere) feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer] te dwingen tot het ondergaan van (een) handeling(en) die (mede) bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer], opzettelijk
- naar die [slachtoffer] is toegelopen en/of (vervolgens)
- (vlak achter) die [slachtoffer] heeft gelopen en/of
- tegen die [slachtoffer] (meermalen, in de Engelse taal) heeft gezegd: "I like your boobs" en/of "I like your fuck" en/of "I want you fuck here", althans (telkens) woorden van gelijke (dreigende) aard of strekking en/of
- zijn, verdachte's, (rechter)hand op het (blote) lichaam (tussen de hals en de (linkerborst) van die [slachtoffer] heeft geplaatst en/of
- die [slachtoffer] bij haar schouders heeft vastgepakt en/of vastgegrepen en/of
- die [slachtoffer] in de richting van struiken/bosjes heeft getrokken;
Subsidiair:
hij op of omstreeks 10 mei 2012 te Amsterdam, in elk geval in Nederland door geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of bedreiging met geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) [slachtoffer] heeft gedwongen tot het plegen en/of dulden van een of meer ontuchtige handeling(en), bestaande uit,
- het plaatsen van zijn, verdachte's, (rechter)hand op het (blote) lichaam (tussen de hals en de (linker)borst van die [slachtoffer]
en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) uit
- het (meermalen, in de Engelse taal) tegen die [slachtoffer] zeggen: "I like your boobs" en/of "I want your fuck" en/of "I want you fuck here", althans (telkens) woorden van gelijke (dreigende) aard of strekkeing en/of
- het vastpakken en/of vastgrijpen bij de schouders van die [slachtoffer] en/of
- het trekken in de richting van struiken/bosjes van die [slachtoffer];
en/of
hij op of omstreeks 10 mei 2012 te Amsterdam, in elk geval in Nederland [slachtoffer] heeft bedreigd met verkrachting, bestaande die bedreiging(en) uit
- het (meermalen, in de Engelse taal) tegen die [slachtoffer] zeggen: "I like your boobs" en/of "I want your fuck" en/of "I want you fuck here", althans (telkens) woorden van gelijke (dreigende) aard of strekkeing en/of
- het vastpakken en/of vastgrijpen bij de schouders van die [slachtoffer] en/of
- het trekken in de richting van struiken/bosjes van die [slachtoffer];
3. Voorvragen
De dagvaarding is geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van de ten laste gelegde feiten en de officier van justitie is ontvankelijk. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.
4. Vrijspraak
Het standpunt van het Openbaar Ministerie
De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte voor het primair ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 15 (vijftien) maanden.
Voorts vorderde de officier van justitie toewijzing van de vordering van de benadeelde partij tot een bedrag van € 750,- met toepassing artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht.
Het standpunt van de verdediging
De verdediging heeft vrijspraak bepleit van alle onderdelen van de tenlastelegging.
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank acht het primair, subsidiair en cumulatief/alternatief ten laste gelegde niet bewezen. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.
Ten aanzien van het primair ten laste gelegde overweegt de rechtbank het volgende.
Verdachte, in kennelijke staat van dronkenschap, benadert de aangeefster op klaarlichte dag in een park waar ook andere mensen aanwezig zijn en zegt tegen haar: “I like your boobs, I want you fuck here”. Wanneer verdachte, die achter haar aanloopt, haar bij haar schouders vastpakt, trekt aangeefster zich direct los en loopt zij weg. Wat er ook zij van de behoorlijkheid van dit gedrag van verdachte, de rechtbank ziet hierin geen begin van uitvoering van een verkrachting.
Ten aanzien van de subsidiair ten laste gelegde feitelijke aanranding van de eerbaarheid overweegt de rechtbank dat de handeling van verdachte die in de tenlastelegging is beschreven, namelijk het plaatsen van verdachtes hand op het lichaam tussen de hals en de linkerborst van aangeefster, geen ontuchtige handeling is zoals bedoeld in artikel 246 van Pro het Wetboek van Strafrecht. De rechtbank is van oordeel dat dit geen handeling van seksuele aard is, die in strijd is met de sociaal-ethische norm. Het feit dat een dergelijke handeling mogelijk grensoverschrijdend is en dat de aangeefster hierdoor enorm is geschrokken, doet aan het vorenstaande niet af.
Ook van bedreiging met verkrachting, zoals cumulatief/alternatief ten laste gelegd, is naar het oordeel van de rechtbank geen sprake. Voor veroordeling ter zake van bedreiging is vereist dat deze van zodanige aard is en onder zodanige omstandigheden is gedaan dat bij de bedreigde redelijke vrees kon ontstaan dat het misdrijf, in casu de verkrachting, ook daadwerkelijk gepleegd zou worden. Uit de woorden die verdachte tegen aangeefster heeft gezegd, te weten “I like your boobs, I want you fuck here”, kan hooguit worden afgeleid dat verdachte zijn wens om seks te hebben met de aangeefster heeft geuit. Van deze woorden kan naar het oordeel van de rechtbank niet gezegd worden dat deze in het algemeen een redelijke vrees kunnen opwekken om daadwerkelijk verkracht te worden, ook niet in combinatie met het eenmaal vastpakken bij de schouders. Ook nu doet aan dit oordeel niet af dat het handelen van verdachte onbehoorlijk is en op de aangeefster grote indruk heeft gemaakt.
De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.
5. Beslissing
Verklaart het primair, subsidiair en cumulatief/alternatief ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij.
Verklaart [slachtoffer] niet-ontvankelijk in haar vordering.
Heft op het bevel tot voorlopige hechtenis.
Dit vonnis is gewezen door
mr. J.A.A.G. de Vries, voorzitter,
mrs. R. Hirzalla en B. Poelert, rechters,
in tegenwoordigheid van E.J. Witteman, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 17 augustus 2012.
De jongste rechter is buiten staat te tekenen