ECLI:NL:RBAMS:2012:BY8114
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar bij ongewijzigde loongerelateerde WGA-uitkering ondanks lagere arbeidsongeschiktheidspercentage
Eiser ontvangt sinds 10 februari 2010 een loongerelateerde WGA-uitkering op basis van een arbeidsongeschiktheidspercentage tussen 35% en 80%. Verweerder heeft bij besluit van 4 november 2011 de mate van arbeidsongeschiktheid vastgesteld op 23%, wat door eiser is bestreden. De rechtbank overweegt dat deze vaststelling geen invloed heeft op de hoogte of duur van de uitkering, die loopt tot 10 april 2013.
Eiser stelt dat de urenbeperking ten onrechte is vervallen en dat zijn arbeidsongeschiktheid hoger moet worden vastgesteld. Verweerder betoogt dat eiser wel procesbelang heeft omdat een hogere arbeidsongeschiktheid kan leiden tot het vervallen van de inkomenseis voor een loonaanvullingsuitkering. De rechtbank volgt dit niet en verwijst naar jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep, die stelt dat het beoogde rechtsgevolg niet volgt uit het bestreden besluit.
De rechtbank concludeert dat het resultaat dat eiser nastreeft geen feitelijke betekenis heeft en dat verweerder het bezwaar daarom niet-ontvankelijk had moeten verklaren. Omdat dit niet is gebeurd, is het bestreden besluit in strijd met de Awb. De rechtbank vernietigt het besluit en verklaart het bezwaar alsnog niet-ontvankelijk, waarbij verweerder geen nieuw besluit hoeft te nemen.
De rechtbank veroordeelt verweerder tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht aan eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bezwaar wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang, waardoor het bestreden besluit wordt vernietigd.