ECLI:NL:RBAMS:2012:BY8698
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing stopzetting trajectvergoedingen bij bijstandsgerechtigden
Eisers, bijstandsgerechtigden die sinds 2000 vrijwilligerswerk verrichten, ontvingen een trajectvergoeding naast hun uitkering. Verweerder wijzigde het beleid per 1 november 2011, waardoor deze vergoedingen werden beëindigd per 1 januari 2012. Eisers voerden aan dat zij financiële verplichtingen waren aangegaan op basis van de langdurige vergoeding en dat de stopzetting in strijd was met het rechtszekerheidsbeginsel en het vertrouwensbeginsel.
De rechtbank stelt vast dat het gewijzigde beleid tijdig was aangekondigd en dat verweerder bevoegd is het beleid te wijzigen. Echter, de rechtbank oordeelt dat de overgangstermijn van twee maanden onvoldoende is gezien de lange periode van vergoeding, het dubbele karakter van de vergoeding, het ontbreken van kosten tegenover de vergoeding en het aanzienlijke bedrag in verhouding tot de bijstandsuitkering.
Verder acht de rechtbank aannemelijk dat eisers geen reële mogelijkheid hebben om op korte termijn hun inkomen te verhogen en dat zij door de stopzetting in financiële problemen zijn gekomen. De rechtbank vernietigt daarom de bestreden besluiten wegens strijd met het motiveringsbeginsel en beveelt verweerder een nieuwe beslissing te nemen met een langere overgangstermijn van zes maanden.
De rechtbank ziet af van een finale beslissing over de compensatie en verwijst naar relevante jurisprudentie. Tevens veroordeelt zij verweerder tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de besluiten tot stopzetting van de trajectvergoedingen en beveelt een langere overgangstermijn van zes maanden.