Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
[B],
1.De procedure
2.De feiten
zeer offensief beleggingsprofiel’ heeft gekozen.
neutraal beleggingsprofiel’ heeft gekozen.
betr. 2010” gezet.
3.Het geschil
4.De beoordeling
criterium
816,00
816,00
Rechtbank Amsterdam
Keijser Capital, een financiële instelling met vergunning van de AFM, werd geconfronteerd met conservatoir beslag gelegd door [C] in verband met een geschil over beleggingen in obligaties van [F]. [C] had verlof gekregen tot beslaglegging, maar had nagelaten Keijser Capital als financiële instelling te informeren en te horen, wat een fundamenteel recht schond.
De voorzieningenrechter oordeelde dat deze omissie voldoende was om het beslag ten laste van Keijser Capital op te heffen, ondanks dat een nieuw verzoek tot beslaglegging mogelijk was. Het verzoek om een verbod op toekomstige beslagen werd afgewezen, maar [C] werd verplicht dit vonnis bij een nieuw verzoek over te leggen.
Ten aanzien van het beslag ten laste van de bestuurder [B] werd geoordeeld dat onvoldoende aannemelijk was dat de vordering ondeugdelijk was of dat het beslag onnodig was. De vraag welk beleggingsprofiel van toepassing was, bleef onduidelijk en zal in een bodemprocedure worden uitgezocht. Ook werd overwogen dat [B] onvoldoende had aangetoond dat hij geen zorgvuldigheidsnorm had geschonden. Het verzoek tot opheffing van het beslag ten laste van [B] werd daarom afgewezen.
De voorzieningenrechter veroordeelde [C] in de proceskosten en legde een dwangsom op voor het geval hij het vonnis niet naleeft bij een nieuw beslagverzoek. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het conservatoir beslag ten laste van Keijser Capital wordt opgeheven vanwege schending van het hoorrecht; het beslag ten laste van bestuurder blijft liggen.