Op 29 mei 2013 heeft verdachte te Amstelveen een woning aan een straat betreden door middel van braak en inklimming, waarbij hij een ruit van een deur insloeg en via het venster de woning binnenging. Verdachte heeft diverse goederen, waaronder elektronische apparaten, sieraden en contant geld, weggenomen die toebehoorden aan de bewoners. Tijdens de diefstal heeft verdachte geweld gebruikt door een persoon in de pols te bijten, wat als strafverzwarende omstandigheid is meegewogen.
De rechtbank heeft het bewijs, bestaande uit de aangetroffen goederen en de omstandigheden van de inbraak, als wettig en overtuigend bewezen beschouwd. Verdachte heeft geen rechtvaardigingsgrond kunnen aanvoeren en is strafbaar bevonden. De officier van justitie eiste een gevangenisstraf van 6 maanden, terwijl de verdediging pleitte voor een gedeeltelijk voorwaardelijke straf.
De rechtbank heeft rekening gehouden met de ernst van het feit, de grote hoeveelheid gestolen goederen, de persoonlijke impact op de slachtoffers en het gebruik van geweld. Ook is het reclasseringsadvies en het ontbreken van eerdere strafbare feiten van verdachte in Nederland meegewogen. Gezien deze omstandigheden is een gevangenisstraf van 5 maanden passend geacht, met aftrek van het voorarrest.