ECLI:NL:RBAMS:2013:6935

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
7 augustus 2013
Publicatiedatum
22 oktober 2013
Zaaknummer
C/13/475366 / HA ZA 10-3658
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstelvonnis over auteursrechtinbreuk en verkoopvoorraad na buitengerechtelijke ontbinding

Deze zaak betreft een geschil tussen een auteur en uitgever Emryss over auteursrechtinbreuk en de gevolgen van een buitengerechtelijke ontbinding van hun overeenkomst in 2010.

De rechtbank oordeelde dat Emryss bevoegd was de voorraad boeken die zij op 30 maart 2010 in bezit had te verkopen, maar dat herdrukken na die datum een inbreuk op het auteursrecht van de auteur opleveren. Het eerdere vonnis van 24 juli 2013 bevatte een kennelijke fout doordat het verbod op inbreuk niet duidelijk was beperkt tot werken die na die datum zijn gedrukt.

Met dit herstelvonnis van 7 augustus 2013 wordt het verbod op auteursrechtinbreuk verduidelijkt en beperkt tot werken die Emryss na 30 maart 2010 heeft laten (her)drukken. De verkoop van de voorraad boeken die vóór die datum in bezit was, blijft toegestaan. Dit herstelvonnis vervangt het voorlopige oordeel uit het kort geding en regelt de juiste formulering van het verbod en de dwangsommen.

Partijen zijn verplicht het herstelvonnis te retourneren aan de griffie. Het vonnis is gewezen door rechter I.H.J. Konings en in het openbaar uitgesproken op 7 augustus 2013.

Uitkomst: Het verbod op auteursrechtinbreuk wordt beperkt tot werken die na 30 maart 2010 zijn gedrukt; verkoop van voorraad boeken van vóór die datum blijft toegestaan.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht
zaaknummer / rolnummer: C/13/475366 / HA ZA 10-3658
Herstelvonnis van 7 augustus 2013
in de zaak van
[eiser],
wonende te[woonplaats],
eiser in conventie,
verweerder in reconventie,
advocaat mr. M.J. Spit te Amsterdam,
tegen
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
EMRYSS B.V.,
gevestigd te Haarlem,
2.
[gedaagden],
wonende te [woonplaats],
gedaagden in conventie,
eisers in reconventie,
advocaat mr. C.A. IJff te Amsterdam.
Partijen zullen hierna [eiser], Emryss en [gedaagden] (gedaagden in conventie gezamenlijk: Emryss c.s.) genoemd worden.

1.Het verzoek tot verbetering

1.1.
Bij brief van 29 juli 2013 is namens Emryss c.s. de rechtbank verzocht om verbetering van het op 24 juli 2013 in deze zaak gewezen vonnis, in die zin dat de onder 3.4. uitgesproken veroordelen beperkt dient te worden tot werken die Emryss na 30 maart 2010 heeft laten (her-)drukken.
1.2.
De rechtbank heeft [eiser] in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten. Bij brief van 1 augustus 2013 heeft mr. Spit namens [eiser] aan de rechtbank bericht tegen inwilliging van dat verzoek het volgende bezwaar te hebben. In r.o. 2.15. is geoordeeld dat Emryss bevoegd was de werken die op 30 maart 2010 in voorraad waren te verkopen. Emryss heeft meer dan drie jaar de tijd gehad daarvoor en de rechtbank heeft dan ook doelbewust geoordeeld dat deze uitverkoopperiode thans niet meer geldt.

2.De beoordeling

2.1.
In r.o. 2.15. is geoordeeld:
[D]e overeenkomst bepaalt in artikel 15 lid 4 expliciet Pro: “
Ondanks de opzegging of beëindiging dezer overeenkomst, is de uitgever gerechtigd de verkoop van de nog in voorraad zijnde exemplaren van het werk voort te zetten” en geeft de auteur het recht deze boeken tegen 40% van de particuliere prijs te kopen. Voor de boeken die Emryss op 30 maart 2010 in voorraad had, geldt derhalve dat Emryss bevoegd was die boeken te verkopen.
2.2.
Anders dan [eiser] aanvoert is niet geoordeeld dat dat recht is komen te vervallen, gelet op het tijdsverloop. Dat is immers ook niet aangevoerd in de procedure.
2.3.
Het onder 3.4. geformuleerde verbod houdt in:
[1] veroordeelt Emryss om te (doen) staken en gestaakt te (doen) houden iedere inbreuk op de auteursrechten van [eiser] op de werken als genoemd in het lichaam van de dagvaarding en [2] verbiedt Emryss in het bijzonder de werken te (doen) openbaarmaken of te (doen) verveelvoudigen, op welke wijze dan ook, waaronder onder meer het aanbieden en/of verkopen via internet of andere kanalen, [3] zulks op straffe van een direct opeisbare dwangsom van € 10.000,00, voor elke overtreding en voor iedere dag dat deze overtreding voortduurt, met een maximum van € 100.000,00, [nummering toegevoegd, rechtbank]
2.4.
Het onder 3.4.[2] geformuleerde verbod is een verduidelijking van het onder 3.4.[1] gegeven verbod en biedt geen grondslag voor het verbieden van een handeling die geen inbreuk op het auteursrecht oplevert. Voor een dergelijk verbod ontbreekt ook een grondslag in de overwegingen van het vonnis. Aangezien onder 2.15 is geoordeeld dat Emryss bevoegd was de werken die zij op 30 maart 2010 in voorraad had te verkopen, en omdat niet geoordeeld is dat die bevoegdheid is vervallen, levert de verkoop van die werken geen inbreuk op het auteursrecht van [eiser] op en is dat ook Emryss niet verboden. Er is zodoende in het vonnis van 24 juli 2013 sprake is van een kennelijke fout, die zich voor eenvoudig herstel leent. De rechtbank zal het verzoek dan ook toewijzen als volgt.

3.De beslissing

De rechtbank
3.1.
bepaalt dat nr. 3.4. van het op 24 juli 2013 tussen [eiser] en Emryss gewezen vonnis, waar staat
“veroordeelt Emryss om te (doen) staken en gestaakt te (doen) houden iedere inbreuk op de auteursrechten van [eiser] op de werken als genoemd in het lichaam van de dagvaarding en verbiedt Emryss in het bijzonder de werken te (doen) openbaarmaken of te (doen) verveelvoudigen, op welke wijze dan ook, waaronder onder meer het aanbieden en/of verkopen via internet of andere kanalen, zulks op straffe van een direct opeisbare dwangsom van € 10.000,00, voor elke overtreding en voor iedere dag dat deze overtreding voortduurt, met een maximum van € 100.000,00,”
wordt gewijzigd in
“veroordeelt Emryss om te (doen) staken en gestaakt te (doen) houden iedere inbreuk op de auteursrechten van [eiser] op de werken als genoemd in het lichaam van de dagvaarding en verbiedt Emryss in het bijzonder
exemplaren die na 30 maart 2010 zijn gedruktte (doen) openbaarmaken of te (doen) verveelvoudigen, op welke wijze dan ook, waaronder onder meer het aanbieden en/of verkopen via internet of andere kanalen, zulks op straffe van een direct opeisbare dwangsom van € 10.000,00, voor elke overtreding en voor iedere dag dat deze overtreding voortduurt, met een maximum van € 100.000,00,”,
3.2.
bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 7 augustus 2013 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 24 juli 2013,
3.3.
gelast elk van partijen, voor zover zij dit niet reeds hebben gedaan, de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het vonnis van 24 juli 2013 na ontvangst van dit herstelvonnis aan de griffie van de rechtbank te retourneren.
Dit vonnis is gewezen door mr. I.H.J. Konings en in het openbaar uitgesproken op 7 augustus 2013. [1]

Voetnoten

1.type: EJvV