ECLI:NL:RBAMS:2013:8949
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- N.C.H. Blankevoort
- T.P.J. de Graaf
- M.G. Tarlavski-Reurslag
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek wegens onvoldoende objectieve grond voor vooringenomenheid rechter
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de voorzieningenrechter in een kort geding over omgangsrecht met zijn kleinzoon. Het verzoek was gebaseerd op de vrees dat de rechter vooringenomen was doordat zij verzoekers advocaat beperkte in het voordragen van pleitnotities en door uitlatingen die een reeds gevormd oordeel zouden impliceren.
De rechtbank heeft het wrakingsverzoek inhoudelijk behandeld en overwogen dat de rechter haar regietaak en ordebewaking op de zitting uitoefende binnen haar bevoegdheid. De rechter stond uiteindelijk toe dat de pleitnotities werden voorgedragen, ondanks aanvankelijke terughoudendheid, en haar uitlatingen werden gezien als pogingen om escalatie te voorkomen en het debat zakelijk te houden.
De rechtbank concludeerde dat er geen objectieve aanwijzingen waren voor vooringenomenheid en dat de vrees van verzoeker hiervoor niet gerechtvaardigd was. Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen en de procedure werd voortgezet in de bestaande stand.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de voorzieningenrechter wordt afgewezen wegens het ontbreken van objectieve grond voor vooringenomenheid.