ECLI:NL:RBAMS:2013:8952
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wraking van wrakingskamer wegens gebrek aan onpartijdigheid
Verzoeker, gedaagde in een civiele procedure, diende een wrakingsverzoek in tegen leden van de wrakingskamer nadat zijn verzoeken omtrent toelating van publiek en het maken van beeld- en geluidsopnamen tijdens de zitting waren afgewezen. De wrakingskamer behandelde het verzoek tijdens een openbare zitting op 20 juni 2013, waarbij ook de rechters en gemachtigden werden gehoord.
De gronden van het wrakingsverzoek waren dat de rechters onpartijdig zouden zijn door het niet toelaten van publiek in de zittingszaal en het verbod op opnamen, wat volgens verzoeker in strijd was met de persrichtlijn en goede procesorde. Tevens werd gesteld dat de rechters de argumentatie van de voorzieningenrechter hadden overgenomen, wat de schijn van partijdigheid zou wekken.
De rechtbank oordeelde dat de weigering van de rechters procedurele beslissingen betrof, waarover zij discretionaire bevoegdheid hebben en dat dergelijke beslissingen in beginsel niet tot wraking leiden, tenzij zij onbegrijpelijk zijn en de schijn van vooringenomenheid wekken. Dit was niet het geval. Bovendien staat de juistheid van beslissingen van wrakingsrechters niet ter beoordeling van een opvolgende wrakingskamer. Het verzoek werd daarom afgewezen en de rechtbank waarschuwde dat herhaalde wrakingsverzoeken zonder gegronde basis als misbruik van recht worden beschouwd.
Uitkomst: Het verzoek tot wraking van de wrakingskamer wordt afgewezen wegens ontbreken van zwaarwegende aanwijzingen voor partijdigheid.