Eiseres exploiteert sinds 1990 een restaurant en vordert schadevergoeding wegens omzetverlies door de aanleg van de Noord-Zuidlijn sinds 2003. Verweerder kende aanvankelijk een schadevergoeding toe op basis van een vijfjarig referentieperiode, conform de Verordening Nadeelcompensatie en Planschade Noord-Zuidlijn.
Eiseres stelde dat deze periode niet representatief was vanwege veranderingen in haar bedrijfsactiviteiten, en verzocht om een kortere referentieperiode van drie jaar. De rechtbank schakelde de onafhankelijke deskundige StAB in, die concludeerde dat de vijfjarige periode niet consistent was vanwege verweven omzet van catering en evenementen in de eerste jaren.
De rechtbank volgde het advies van de StAB en stelde de referentieperiode vast op drie jaar, wat leidde tot een hogere schadevergoeding van €33.085. Tevens werden proceskosten en deskundigenkosten aan eiseres toegekend, terwijl het beroep gegrond werd verklaard en het primaire besluit werd herroepen.