ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ0577
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen brief inzake wijzigingen CROHO bij Universiteit van Amsterdam
De Universiteit van Amsterdam stelde bezwaar in tegen een brief van 20 augustus 2010 waarin wijzigingen in het Centraal Register Opleidingen Hoger Onderwijs (CROHO) werden doorgegeven. Verweerder verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat de brief geen besluit met rechtsgevolgen was. De rechtbank bevestigt dit oordeel en overweegt dat de brief een uitvoeringshandeling betreft, niet zijnde een besluit in de zin van artikel 1:3 Awb Pro.
De rechtbank benadrukt dat het besluit tot invoering van brede labels in de masteropleidingen geesteswetenschappen, genomen door de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), wel een besluit met rechtsgevolgen is. Dit besluit is de grondslag voor de aanpassing van het CROHO. De brief van verweerder van 20 augustus 2010 is slechts een verzoek aan DUO om de registratie aan te passen op basis van dat besluit.
Omdat het bezwaar niet gericht was tegen het daadwerkelijke besluit van de staatssecretaris, maar tegen een uitvoeringshandeling, is het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank ziet geen aanleiding tot inhoudelijke beoordeling van de beroepsgronden en wijst het beroep af. Tevens is geen proceskostenveroordeling of griffierechtvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de brief inzake wijzigingen in het CROHO wordt niet-ontvankelijk verklaard en het beroep wordt ongegrond verklaard.