ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ0598
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Eindafrekening dienstverband en berekening vakantiedagen tijdens deeltijd-ww
De zaak betreft een geschil tussen een werknemer en zijn voormalige werkgever over de eindafrekening van het dienstverband, met name de berekening van openstaande vakantiedagen tijdens een periode van deeltijd-ww en de verrekening van diverse kostenposten.
De werknemer trad in 2002 in dienst en werkte deels onder de regeling deeltijd-ww, waarbij hij 50% salaris ontving. Na een ontslagvergunning op bedrijfseconomische gronden zegde hij het dienstverband op. Na beëindiging ontstond onenigheid over het saldo van vakantiedagen, het ingehouden eigen risico voor autoschade en telefoonkosten.
De werknemer vorderde betaling van openstaande vakantiedagen, terugbetaling van het eigen risico en correctie van telefoonkosten, vermeerderd met wettelijke rente en een wettelijke verhoging wegens te late betaling van salaris. De werkgever betwistte de vorderingen en stelde een tegenvordering in wegens te veel genoten verlof en onverschuldigde loonbetalingen.
De kantonrechter oordeelde dat de werknemer geen recht had op de door hem berekende vakantiedagen wegens onvoldoende onderbouwing en correcte administratie van de werkgever. Wel werd de vordering tot terugbetaling van het eigen risico toegewezen wegens gebrek aan schadevaststelling. De vordering inzake telefoonkosten werd afgewezen wegens onvoldoende bewijs. De wettelijke verhoging wegens te late salarisbetaling werd deels toegewezen. De tegenvordering van de werkgever wegens te veel genoten verlof werd eveneens toegewezen.
De kantonrechter hield verdere beslissingen, waaronder proceskosten, aan en gaf de werkgever gelegenheid tegenbewijs te leveren over de ziekte- en wachtdagen.
Uitkomst: De kantonrechter wijst de vordering van de werknemer deels toe en deels af, wijst de tegenvordering van de werkgever toe en houdt verdere beslissingen aan.