ECLI:NL:RBAMS:2013:CA3778
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.H. van Benthem
- H.J.M. Baldinger
- B. Poelert
- Rechtspraak.nl
Toestemming overlevering verdachte illegale handel verdovende middelen naar België
De rechtbank Amsterdam heeft op 12 maart 2013 uitspraak gedaan over een vordering tot overlevering van een verdachte aan België op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door de Onderzoeksrechter van de Rechtbank van eerste aanleg van Charleroi. De verdachte wordt verdacht van illegale handel in verdovende middelen en psychotrope stoffen, een feit dat op de lijst van bijlage 1 bij de Overleveringswet (OLW) voorkomt.
De rechtbank heeft onderzocht of het feit waarvoor overlevering wordt verzocht terecht is aangeduid als een lijstfeit, en concludeerde dat er geen evidente tegenstrijdigheid bestaat tussen de feitomschrijving en de aangekruiste categorie. De verdediging had betoogd dat de overlevering beperkt moest worden tot de handel in verdovende middelen, maar de rechtbank vond dat alle beschreven gedragingen onder het lijstfeit vallen.
Verder is de garantie van de Belgische justitiële autoriteiten dat een eventuele onvoorwaardelijke gevangenisstraf in Nederland kan worden uitgezeten, als voldoende beoordeeld. Ook is vastgesteld dat het feit ook naar Nederlands recht strafbaar is, namelijk als opzettelijk handelen in strijd met het verbod van de Opiumwet. Op basis hiervan heeft de rechtbank de overlevering toegestaan.
De uitspraak is definitief en er staat geen gewoon rechtsmiddel tegen open. De jongste rechter kon de uitspraak niet medeondertekenen.
Uitkomst: De rechtbank Amsterdam staat de overlevering van de verdachte aan België toe voor het strafrechtelijk onderzoek naar illegale handel in verdovende middelen.