Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
5.Bewezenverklaring
6.Strafbaarheid van de feiten
7.Strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straf en maatregelen
d.d. 16 januari 2014 waaruit blijkt dat verdachte op 27 december 2010 door de meervoudige strafkamer te Amsterdam is veroordeeld tot een jeugddetentie van 242 dagen in verband met vermogensdelicten. Op 10 februari 2010 is verdachte door de kinderrechter te Amsterdam in verband met een diefstal veroordeeld tot een werkstraf. Verder is verdachte in 2012 en 2013 totaal drie maal veroordeeld door de kantonrechter te Amsterdam in verband met overtreding van de Leerplichtwet.
- rapport van het [Bureau Jeugdzorg] opgemaakt op 6 november 2013;
- Psychologisch Pro Justitia rapport opgemaakt door [naam 3], klinisch psycholoog, op 8 december 2013, aangevuld op 5 februari 2014;
- Psychiatrisch Pro Justitia rapport opgemaakt door [naam 4], kinder- en jeugdpsychiater, op 16 december 2013, aangevuld op 4 februari 2014.
Bij alle maatregelen betreffende het kind (…) vormen de belangen van het kind de eerste overweging’,
on the applicability of adult criminal law to children over 16 years of age.’
children in conflict with the law between the ages of 16 and 18 may be sentenced as adults.’
repression/retributionals doel hebben.
gestolen kasgeld’ zal gelet hierop voor dat bedrag worden afgewezen.
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
24 (vierentwintig) maanden.
nietzal worden ten uitvoer gelegd, tenzij later anders wordt gelast.
[bedrijf 2] / [slachtoffer 3]toe tot € 1.632,88 (duizend zeshonderd tweeëndertig euro en achtentachtig cent), te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade tot aan de dag van de algehele voldoening.
[slachtoffer 2]toe tot € 1.742,13 (duizend zevenhonderd tweeënveertig euro en dertien cent), te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade tot aan de dag van de algehele voldoening.
[slachtoffer 1]toe tot € 5.805,73 (vijfduizend achthonderd vijf euro en drieënzeventig cent), te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade tot aan de dag van de algehele voldoening.
Albert Heijntoe tot € 356,70 (driehonderd zesenvijftig euro en zeventig cent), te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade tot aan de dag van de algehele voldoening.
[slachtoffer 7]toe tot € 1.580,00 (duizend vijfhonderd en tachtig euro), te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade tot aan de dag van de algehele voldoening.
[slachtoffer 6]toe tot € 1.515,60 (duizend vijfhonderdvijftien euro en zestig cent), te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade tot aan de dag van de algehele voldoening.
AF.