Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.[eiser],
1.De procedure
- de dagvaarding van 3 mei 2013, met producties,
- de conclusie van antwoord, met producties,
- het tussenvonnis van 2 oktober 2013 waarbij een comparitie van partijen is bepaald,
- het proces-verbaal van comparitie van 11 februari 2014 met de daarin genoemde processtukken en proceshandelingen;
- de brief van [eisers gezamelijk] van 12 maart 2014 naar aanleiding van het proces-verbaal van comparitie.
2.De feiten
Uw persoonlijke financiële situatie
juistgelden onder negatieve, moeilijke omstandigheden. Ik heb de neerwaartsrisicobegrenzing altijd als een bescherming uitgelegd en in die zin hebben wij er ook altijd over gesproken. (...)
Je hebt mij noch mondeling noch schriftelijk ooit op een groter neerwaarts risico dan 15% gewezen. Dat het niet om een garantie ging was mij duidelijk”.
3.Het geschil
4.De beoordeling
Ontvankelijkheid Safemakers
twee maandente gelde kon worden gemaakt.