Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
[kind 1], geboren te [plaats] op [datum] (hierna: [kind 1]);
[kind 2], geboren te [plaats] op [datum] (hierna: [kind 2]).
Tussen de echtgenoten zal geen enkele huwelijksvermogensrechtelijke gemeenschap bestaan.
Behoudens het bij de wet bepaalde ten aanzien van de verbintenissen, aangegaan ten behoeve van de gewone gang van de huishouding, is ieder van de echtgenoten slechts aansprakelijk voor de schulden, welke door deze echtgenoot persoonlijk zijn aangegaan.
In geval van echtscheiding zal de man de aan de vrouw toebehorende woning binnen drie maanden metterwoon verlaten.
Ingeval het huwelijk eindigt zal de vrouw (of haar erfgenamen) aan de man (of zijn erfgenamen) een bedrag vergoeden gelijk aan de breuk, waarvan de teller wordt gevormd door het bedrag van de door de man gefinancierde verbouwingskosten en de noemer wordt gevormd door het bedrag ad zeshonderd tienduizend euro (€ 610.000,00) vermenigvuldigd met de waarde van het appartementsrecht [straatnaam 1] te [plaats] in onbewoonde staat.
4.De beoordeling
“de teller wordt gevormd door het bedrag van de door de man gefinancierde verbouwingskosten en de noemer wordt gevormd door het bedrag ad zeshonderd tienduizend euro (€ 610.000,00) vermenigvuldigd met de waarde van het appartementsrecht Van [straatnaam 1] te [plaats] in onbewoonde staat.”
5.De beslissing
echtscheidinguit tussen partijen, gehuwd te [plaats] op [datum];