ECLI:NL:RBAMS:2015:10060

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
29 september 2015
Publicatiedatum
10 juni 2016
Zaaknummer
13/049407-12, RK: 15/5318
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Ontslag van rechtsvervolging
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 36 Wetboek van Strafvordering
Verwijzingen
1 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beëindiging strafzaak wegens mediation mislukt en geen bezwaar OM

Verzoeker werd verdacht van mishandeling van een persoon op 18 december 2011. Op 9 januari 2013 werd de zaak aangehouden voor onbepaalde tijd om via mediation tot een schikking te komen. De mediation mislukte omdat de benadeelde partij geen contact meer wilde met verzoeker.

Sinds maart 2013 lag de zaak stil. Het Openbaar Ministerie gaf aan geen bezwaar te hebben tegen beëindiging van de strafzaak. Ook de benadeelde partij gaf schriftelijk aan geen bezwaar te hebben.

De rechtbank overwoog dat gezien het tijdsverloop, de houding van verzoeker en de familieverhoudingen het begrijpelijk was dat het OM geen vervolging nastreefde. Daarom werd het verzoek tot beëindiging van de strafzaak toegewezen en verklaard dat de zaak is geëindigd. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.

Uitkomst: De strafzaak is beëindigd en verklaard geëindigd wegens mislukte mediation en geen bezwaar van OM en benadeelde partij.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Parketnummer: 13/049407-12
RK: 15/5318
BESCHIKKING
op het verzoek
ex artikel 36 van Pro het Wetboek van Strafvordering(Sv) van:
[verzoeker],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984,
wonende op het adres [adres 1] , [woonplaats] ,
te dezer zake woonplaats kiezende op het kantooradres van zijn raadsman,
mr. N. van Wersch, [adres 2] , [plaats] ,
verzoeker.

1.Procesgang

Het verzoek is op 19 februari 2015 ingekomen ter griffie van deze rechtbank.
De rechtbank heeft op 29 september 2015 verzoeker, zijn raadsman, mr. N. van Wersch en de officier van justitie, mr. W. van Schaijck, in besloten raadkamer gehoord.
De rechtstreeks belanghebbende die de rechtbank bekend is, is opgeroepen om te worden gehoord. Zij heeft middels haar advocaat bij brief van 17 september 2015 laten weten dat zij niet op de zitting zal verschijnen.

2.Inhoud van het verzoek

Het verzoek strekt ertoe dat de rechtbank zal verklaren dat de zaak is geëindigd.
De raadsman van verzoeker heeft kort samengevat aangevoerd dat het onderzoek ter terechtzitting op 9 januari 2013 voor onbepaalde tijd is aangehouden, teneinde middels mediation een schikking te bewerkstelligen tussen verzoeker en de benadeelde partij. Op 18 maart 2013 is door het mediationbureau bericht dat het door de opstelling van de benadeelde partij niet tot een gesprek is gekomen. Sindsdien heeft de zaak stil gelegen. Kennelijk acht het Openbaar Ministerie verdere vervolging niet opportuun. Gelet op het tijdsverloop (de ten laste gelegde mishandeling zou hebben plaatsgevonden op 18 december 2011), de welwillende houding van verzoeker en op de familieverhoudingen komt de raadsman dat begrijpelijk voor.

3.Standpunt van het Openbaar Ministerie

De officier van justitie heeft in raadkamer medegedeeld dat hij geen bezwaar heeft tegen toewijzing van het verzoek.

4.Standpunt van de belanghebbende

De belanghebbende [persoon 1] heeft middels haar advocaat bij brief van 17 september 2015 laten weten dat zij geen bezwaar tegen heeft beëindiging van de strafzaak tegen [verzoeker] .
5.
Beoordeling
Uit de stukken en het verhandelde in raadkamer is het volgende gebleken.
Verzoeker wordt verdachte van, kort gezegd, mishandeling van [persoon 1] op 18 december 2011.
Ter terechtzitting van 9 januari 2013 is de zaak tegen verzoeker door de politierechter voor onbepaalde tijd aangehouden en verwezen naar mediation, teneinde een schikking tussen verdachte en benadeelde partij te bewerkstelligen.
Blijkens de overeenkomst bij de start van de mediation heeft de benadeelde partij [persoon 1] op 14 februari 2013 schriftelijk verklaard in de verdere toekomst op geen enkele manier meer contact te willen hebben met verdachte.
De rechtbank overweegt het volgende.
Nu de officier van justitie heeft in raadkamer medegedeeld geen bezwaar te hebben tegen toewijzing van het verzoek, dient het verzoek te worden toegewezen.
De rechtbank komt tot de volgende beslissing.

6.Beslissing

De rechtbank
WIJSThet verzoek
TOEen
verklaart dat de zaak is geëindigd.
Deze beslissing is op 29 september 2015 gegeven en in het openbaar uitgesproken door
mr. M.F. Ferdinandusse, rechter,
in tegenwoordigheid van mr. D. Kloos, griffier.
Tegen deze beslissing staat voor verzoeker geen rechtsmiddel open.