Nissan Motor Parts Center B.V. verzocht de kantonrechter om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met haar manager, die sinds 1991 in dienst is, op grond van organisatorische wijzigingen die de arbeidsplaats van de manager overbodig maken. Nissan bood een beëindigingsvergoeding van €349.825 bruto aan.
De kantonrechter overwoog dat op grond van artikel 7:671b lid 1 BW de arbeidsovereenkomst niet ontbonden kan worden op grond van artikel 7:669 lid 3 onderdeelPro a BW zonder dat de toestemming als bedoeld in artikel 7:671a BW is geweigerd. Nissan had niet gesteld dat deze toestemming was geweigerd, noch was er sprake van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd.
Daarom kon het verzoek tot ontbinding niet worden toegewezen en werd het afgewezen. De proceskosten werden gecompenseerd door ieder partij haar eigen kosten te laten dragen.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen wegens het ontbreken van de vereiste toestemming.
Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht – team kanton
zaaknummer: 4354335 EA VERZ 15 - 845
beschikking van: 10 augustus 2015
func.: 245
Beschikking van de kantonrechter ex artikel 7: 671b BW
I n z a k e
De besloten vennootschap Nissan Motor Parts Center B.V.
gevestigd te Amsterdam
verzoekster, nader te noemen: Nissan
gemachtigde: mr. J.L. van Schouten
t e g e n
[verweerder]
wonende te [woonplaats]
verweerder, nader te noemen: verweerder
gemachtigde: mr. M.L. Boks
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
Nissan heeft op 4 augustus 2015 een verzoek ingediend dat strekt tot ontbinding van de tussen partijen bestaande arbeidsovereenkomst. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. Partijen hebben in hun begeleidende brief allebei gesteld dat een mondelinge behandeling geen toevoeging zou geven aan de inhoud van de processtukken en dat direct beschikking kon worden gegeven.
Beschikking is vervolgens bepaald op heden.
BEOORDELING VAN HET VERZOEK
Verweerder, geboren op [geboortedatum] 1957, is sedert 1 januari 1991 in dienst van Nissan als manager. Het salaris bedraagt € 8.445,56 bruto per maand, exclusief vakantie-toeslag en overige emolumenten.
Nissan verzoekt om ontbinding van de arbeidsovereenkomst per 1 november 2015 op grond van artikel 7: 671b BW. Nissan stelt - zo begrijpt de kantonrechter - dat daarvoor een redelijke grond aanwezig is, als bedoeld in artikel 7: 669 lid 3, onderdeel a BW, waarbij het van Nissan niet gevergd kan worden het dienstverband te laten voort duren. Nissan stelt daarbij bereid te zijn verweerder bij wijze van beëindigings-vergoeding het bedrag van € 349.825,- bruto toe te kennen en verzoekt de kantonrechter verweerder deze vergoeding toe te kennen.
Nissan heeft haar verzoek onderbouwd door er op te wijzen dat sprake is van: - noodzakelijke organisatorische wijzigingen, waardoor arbeidsplaatsen zijn komen te vervallen waaronder die van verweerder.
De kantonrechter kan echter, gelet op artikel 7: 671b lid 1 BW, de arbeidsovereen-komst op verzoek van de werkgever niet ontbinden op de grond genoemd in artikel 7:669 lid 3 onderdeelPro a BW. Omdat Nissan niet heeft gesteld en ook niet anderszins is gebleken dat de toestemming bedoeld in artikel 7:671a BW is geweigerd, terwijl er ook geen sprake is van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, die niet tussentijds kan worden opgezegd, kan het verzoek van Nissan niet worden toegewezen.
Het verzoek zal derhalve worden afgewezen.
Er zijn termen om de proceskosten tussen partijen te compenseren.
BESLISSING
De kantonrechter:
- wijst het verzoek af;
- compenseert de proceskosten tussen partijen in dier voege dat ieder de eigen kosten draagt.
Aldus gegeven door mr. M.V. Ulrici, kantonrechter en in het openbaar uitgesproken op 10 augustus 2015 in aanwezigheid van de griffier.