ECLI:NL:RBAMS:2015:6829
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter in verkeerszaak wegens gebrek aan gegronde vrees voor partijdigheid
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de kantonrechter die zijn beroep tegen een verkeersboete zou behandelen. Hij stelde dat de rechter partijdig was omdat deze zonder kritische blik op het dossier zou besluiten en geen onderzoek zou doen naar de werking van de flitsapparatuur. Verzoeker betoogde dat het Openbaar Ministerie geen verklaring over de ijkdatum van de apparatuur had verstrekt en dat de rechter daardoor niet onbevooroordeeld kon zijn.
De rechtbank overwoog dat wraking alleen mogelijk is bij concrete feiten of omstandigheden die een objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid rechtvaardigen. Het enkele feit dat verzoeker was opgeroepen voor een zitting met vermelding van de naam van de rechter is onvoldoende om een dergelijke vrees te onderbouwen.
De rechtbank concludeerde dat het wrakingsverzoek evident ongegrond is en dat het middel lichtvaardig is ingezet, wat een misbruik van recht oplevert. Daarom zal een volgend wrakingsverzoek tegen dezelfde rechter niet meer in behandeling worden genomen. De procedure wordt hervat zoals die was voor het wrakingsverzoek.
Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Wrakingsverzoek tegen kantonrechter wordt afgewezen wegens gebrek aan gegronde vrees voor partijdigheid en misbruik van recht.