ECLI:NL:RBAMS:2015:6830
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek wegens ontbreken van objectieve vooringenomenheid rechter
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de voorzieningenrechter die eerder in twee kort gedingen tussen partijen had geoordeeld. Verzoeker stelde dat de rechter vooringenomen was, onder meer vanwege een vonnis van 5 juli 2013 waarin een vordering van verzoeker werd afgewezen en een waarschuwing aan eiseres werd gegeven.
De rechter reageerde dat zij geen vooringenomenheid koesterde en dat het vonnis was gebaseerd op de stukken en zitting. De rechtbank overwoog dat beslissingen van rechters, ook als deze nadelig zijn voor een partij, niet zonder meer duiden op vooringenomenheid. Het vonnis van 5 juli 2013 was begrijpelijk en betrof een voorlopig oordeel in kort geding.
De rechtbank concludeerde dat het gevoel van verzoeker van vooringenomenheid subjectief was en onvoldoende voor wraking. Het wrakingsverzoek werd dan ook afgewezen en de procedure werd voortgezet zoals die was op het moment van het verzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de voorzieningenrechter wordt afgewezen wegens ontbreken van objectieve aanwijzingen voor vooringenomenheid.