ECLI:NL:RBAMS:2015:6831

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
23 augustus 2015
Publicatiedatum
8 oktober 2015
Zaaknummer
HA RK 254.2015
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Wraking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:15 AwbArt. 8:18 Awb
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot wraking rechtbank wegens niet-ontvankelijkheid

Verzoekster heeft bij de Rechtbank Amsterdam een verzoek tot wraking ingediend tegen de gehele rechtbank, althans de Afdeling Publiekrecht, teams bestuursrecht, in een lopende zaak op het gebied van vreemdelingenrecht.

De rechtbank beoordeelde de ontvankelijkheid van het wrakingsverzoek aan de hand van artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Dit artikel bepaalt dat alleen rechters die de zaak daadwerkelijk behandelen kunnen worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden die de rechterlijke onpartijdigheid kunnen schaden.

Het verzoek tot wraking voldeed hier niet aan omdat het niet een specifieke rechter aanwees die de zaak van verzoekster behandelt, noch handelingen of nalatigheden van een dergelijke rechter beschreef. Hierdoor kon niet worden vastgesteld dat de rechterlijke onpartijdigheid in gevaar was.

De rechtbank zag geen aanleiding tot een mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek, aangezien het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk was. Het verzoek werd daarom bij beschikking afgewezen. Tegen deze beslissing is geen voorziening open.

Uitkomst: Het verzoek tot wraking wordt afgewezen als kennelijk niet-ontvankelijk.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Beschikking op het bij brief van 8 augustus 2015 gedane en onder nummer en onder HA RK 254.2015 ingeschreven verzoek van:
[verzoeker] ,
wonende te [woonplaats] ,
verzoekster,
welk verzoek strekt tot wraking van de gehele Rechtbank Amsterdam, althans de Afdeling Publiekrecht, teams bestuursrecht.

1.Verloop van de procedure

1.1
Verzoekster is partij in een bij de rechtbank, Sector vreemdelingenrecht, onder zaaknummer [ ] ingeschreven zaak.
1.2
Het betreft een verzoek om een voorlopige voorziening.

2.2. De ontvankelijkheid van het verzoek

2.1
Op grond van artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht kan elk van de rechters die een zaak behandelen worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen leiden.
2.2
Het verzoek vindt geen grond in de wet, omdat een verzoek tot wraking alleen gericht kan zijn tegen rechter(s) die een zaak van verzoekster behandelen dan wel behandelt. Het verzoek wijst niet een rechter aan die de zaak van verzoekster behandelt en omschrijft evenmin een handelen of nalaten van die rechter, op grond waarvan de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Het Wrakingsverzoek vermeldt immers, voor zover thans van belang:
“[ ], wraakt Rechtbank Amsterdam Sector Bestuursrecht: zaaknr [ ] zal geen toegang krijgen tot een voorzieningen Rechter die zonder vooringenomenheid EVRM schade Art. 6 zal Pro doen inperken.”
2.3
Voor een mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek als bedoeld in artikel 8:18 lid 1 Awb Pro bestaat geen aanleiding. Het in deze bepaling gegeven recht op hoor en wederhoor is door de wetgever bedoeld voor het debat over de gegrondheid van het verzoek en niet om de gronden van het wrakingsverzoek alsnog aan te voeren. Aan dat onderzoek komt de wrakingskamer niet toe omdat het verzoek aanstonds als zijnde kennelijk niet-ontvankelijk dient te worden afgewezen.
3. Op grond van het voorgaande wordt beslist als volgt.
BESLISSING
De rechtbank:
 wijst het verzoek als zijnde kennelijk niet-ontvankelijk af.
Aldus gegeven door mr. N.C.H. Blankevoort, voorzitter, mrs. A.W.J. Ros en A.J. Dondorp, leden en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 23 augustus 2015 in tegenwoordigheid van de griffier.
Tegen deze beslissing staat op grond van het bepaalde in artikel 8:18 lid 5 Awb Pro geen voorziening open.