Op 16 december 2015 heeft de rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van poging tot doodslag en poging tot zware mishandeling op het Centraal Station te Amsterdam op 17 juni 2015.
De rechtbank achtte bewezen dat verdachte het slachtoffer met kracht tegen het hoofd had geschopt en gestompt, wat leidde tot ernstig lichamelijk letsel. De poging tot doodslag werd echter niet bewezen verklaard, waarna verdachte daarvan werd vrijgesproken. Wel werd de poging tot zware mishandeling bewezen verklaard.
Deskundigen hadden vastgesteld dat verdachte leed aan schizofrenie met recidiverende psychotische episodes en ten tijde van het delict fors psychotisch en oordeelsgestoord was. Op grond hiervan werd verdachte als ontoerekeningsvatbaar beschouwd.
De rechtbank besloot verdachte te ontslaan van alle rechtsvervolging wegens ontoerekeningsvatbaarheid en legde een maatregel op tot plaatsing in een forensisch psychiatrisch ziekenhuis voor de duur van één jaar, gelet op het gevaar voor verdachte en de samenleving.
Het bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven vanaf het moment van plaatsing in het psychiatrisch centrum.