Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het procesverloop
2.De ontvankelijkheid van het verzoek
zodrade feiten en omstandigheden waarop het verzoek is gegrond aan verzoekster bekend waren geworden, zoals artikel 37 lid 1 van Pro het Wetboek van burgerlijke rechtsvordering (Rv) vereist.
(“zodra”)dient te worden ingediend.
- verklaart het verzoek tot wraking niet-ontvankelijk;
- bepaalt dat de onderliggende procedure dient te worden voortgezet in de stand waarin deze zich bevond op het moment van de schorsing vanwege het verzoek tot wraking.