ECLI:NL:RBAMS:2016:6572
Rechtbank Amsterdam
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs van uitbuiting en illegale tewerkstelling in restaurant
Verdachte werd ervan verdacht een illegale vreemdeling uit winstbejag behulpzaam te zijn geweest bij het verkrijgen van verblijf in Nederland en hem te hebben laten werken in zijn restaurant. De tenlastelegging betrof de periode van 1 tot en met 7 september 2011.
Tijdens de terechtzitting stelde de officier van justitie dat verdachte de vreemdeling onderdak bood en hem liet werken in ruil voor eten en drinken. De verdediging voerde aan dat niet bewezen was dat verdachte onderdak had verschaft of dat de werkzaamheden krachtens een overeenkomst of uit winstbejag waren verricht.
De rechtbank oordeelde dat de verklaringen van de vreemdeling niet consistent waren en mogelijk beïnvloed door belangen in een andere strafzaak. Er was onvoldoende bewijs dat de vreemdeling in het restaurant sliep of dat hij verplicht was te werken. Wel stond vast dat hij eten en drinken kreeg en werkzaamheden verrichtte, maar mogelijk uit eigen initiatief of medemenselijkheid van verdachte. Daarom werd verdachte vrijgesproken van de ten laste gelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van uitbuiting en illegale tewerkstelling.