Uitspraak
regio Amsterdam,
locatie Amsterdam,
hierna te noemen: de Raad.
Rechtbank Amsterdam
De moeder, van Zweedse afkomst, verzoekt om vervangende toestemming om met haar twee jonge kinderen naar Zweden te verhuizen, vanwege haar sociaal isolement, depressieve gevoelens en de speciale zorg die het oudste kind nodig heeft. De vader, van Duitse afkomst, verzet zich tegen de verhuizing vanwege communicatieproblemen en de impact op het contact met de kinderen.
De rechtbank weegt het belang van het kind voorop en constateert dat de moeder haar verhuizing goed heeft voorbereid en dat de kinderen niet geworteld zijn in Nederland. De hulpverlening voor het oudste kind kan in Zweden worden voortgezet en de taalachterstand kan verminderen. De voorgestelde zorgregeling, met omgangsweekenden en videochatcontact, compenseert de beperking van het contact met de vader.
De rechtbank wijst het verzoek van de vader af om de hoofdverblijfplaats bij hem te bepalen en verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad. De moeder krijgt toestemming om te verhuizen, de zorgregeling wordt vastgesteld en partijen dragen elk hun eigen kosten.
Uitkomst: De moeder krijgt toestemming om met de kinderen naar Zweden te verhuizen en de zorgregeling wordt vastgesteld met omgangsweekenden voor de vader.