Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 30 juni 2017 in de zaak tussen
[de man] , te Amsterdam, eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.
Rechtbank Amsterdam
Eiser, wonende in een zelfstandige woning op de eerste etage met medische klachten, vroeg om een urgentieverklaring vanwege zijn fysieke beperkingen. Verweerder wees de aanvraag af op grond van de Huisvestingsverordening Amsterdam 2016, omdat er geen sprake was van een urgent huisvestingsprobleem en eiser zijn situatie redelijkerwijs kon oplossen.
De aanvraag werd negatief beoordeeld door de GGD-arts, die oordeelde dat ondanks de medische klachten geen sprake was van een urgente situatie. Eiser betwistte dat de GGD niet het volledige medische dossier had meegewogen en stelde dat verweerder de hardheidsclausule had moeten toepassen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder beleidsvrijheid heeft bij het toekennen van urgentieverklaringen en dat het advies van de GGD op redelijke gronden kon worden gevolgd. Eiser kon niet aantonen dat er sprake was van bijzondere omstandigheden die toepassing van de hardheidsclausule rechtvaardigden.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees het verzoek om een urgentieverklaring af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de urgentieverklaring.