ECLI:NL:RBAMS:2017:6684

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
14 augustus 2017
Publicatiedatum
15 september 2017
Zaaknummer
CV EXPL 16-22540.02
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 142 lid 1 BWArt. 142 lid 2 BWArt. 6:142 lid 1 BW
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beoordeling ontvankelijkheid verzet na cessie vordering tussen Ziggo en opposant

In deze civiele procedure staat de vraag centraal of opposant ontvankelijk is in zijn verzet tegen Ziggo na cessie van de hoofdsom van Ziggo's vordering aan Bos Incasso BV. De kantonrechter stelt vast dat de cessie rechtsgeldig heeft plaatsgevonden op dezelfde dag als het verstekvonnis, maar dat alleen de hoofdsom is gecedeerd, niet de proceskosten, buitengerechtelijke kosten of rente.

De rechtbank overweegt dat het instellen van verzet gericht moet zijn tegen de oorspronkelijke procespartij, en dat cessie niet automatisch leidt tot wijziging van de wederpartij in de procedure. Daarom is opposant ontvankelijk in zijn verzet tegen Ziggo en niet tegen Bos Incasso BV.

De kantonrechter vernietigt het verstekvonnis en wijst de vordering van Ziggo af. Tevens krijgt Ziggo de gelegenheid alsnog inhoudelijk te reageren en wordt de zaak verwezen naar een nieuwe rolzitting. Ziggo wordt veroordeeld in de kosten van het incident.

Uitkomst: Opposant is ontvankelijk in zijn verzet tegen Ziggo ondanks cessie van de hoofdsom aan Bos Incasso BV; verstekvonnis wordt vernietigd.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht - team kanton
zaaknummer: 5253153 CV EXPL 16-22540.02
vonnis van: 14 augustus 2017
fno.: 245

vonnis van de kantonrechter

I n z a k e

[opposant]

wonende te [plaats]
opposant, tevens eiser in reconventie
nader te noemen: [opposant]
gemachtigde: mr. H.P. Visser (Business and Law)
t e g e n

Ziggo B.V.

gevestigd te Utrecht
geopposeerde in conventie, verweerster in reconventie
nader te noemen: Ziggo
gemachtigde: LAVG Gerechtsdeurwaarders (Groningen)

VERDER VERLOOP VAN DE PROCEDURE

Op 6 februari 2017 is een tussenvonnis gewezen. Ter uitvoering van dat tussenvonnis heeft Ziggo een akte overlegging productie in oppositie genomen. Daarna is - per abuis - de zaak voor vonnis gezet. Bij rolmededeling van 10 april 2017 heeft de kantonrechter [opposant] alsnog de gelegenheid gegeven zich over de productie van Ziggo uit te laten. [opposant] heeft zulks gedaan bij akte in conventie van 12 juni 2017. Daarbij waren producties gevoegd, die voor het nu gevraagde oordeel niet relevant zijn.
Vervolgens is een datum voor vonnis bepaald.

GRONDEN VAN DE BESLISSING

Beoordeling

Op dit moment ligt in deze zaak de vraag voor of als gevolg van de door Ziggo gestelde cessie van haar vordering aan de besloten vennootschap Bos Incasso BV, [opposant] jegens Ziggo ontvankelijk is in zijn verzet.
De kantonrechter stelt allereerst vast dat de aangevoerde cessie van de (eventuele) vordering van Ziggo op [opposant] rechtsgeldig heeft plaatsgevonden op 25 september 2015. De cessie is ook niet langer tussen partijen in geschil.
Verder kan worden vastgesteld dat de datum van het verstekvonnis exact dezelfde is al die van de cessie; eveneens 25 september 2015. Nu de rolzitting om 10.00 uur in de ochtend is en niet anders is gesteld of gebleken, gaat de kantonrechter ervan uit dat ten tijde van de cessie het verstekvonnis al was gewezen. Ziggo heeft daarmee niet haar hele vordering op [opposant] overgedragen; slechts het bedrag van de hoofdsom
(€ 564,88) is aan Bos Incasso BV overgedragen. De in het verstekvonnis toegewezen proceskosten, de buitengerechtelijke kosten en de vervallen rente (tezamen het bedrag van € 691,48) is door Ziggo niet aan Bos Incasso BV gecedeerd.
Gelet op het bepaalde in artikel 142 lid 2 BW Pro kan niet betoogd worden dat de buitengerechtelijke kosten en de wettelijke rente nevenrechten zijn die mee overgaan ex artikel 6:142 lid 1 BW Pro; voor de toegewezen proceskosten geldt zulks naar het oordeel van de kantonrechter evenmin.
Daarnaast is het uitgangspunt dat een rechtsmiddel dient te worden ingesteld tegen de processuele tegenpartij uit de eerdere instantie. Met betrekking tot verzet geen bijzondere andere rechtsregel gegeven. Daarbij geldt dat door het instellen van verzet, de procedure in eerste instantie herleeft en het enkele feit dat een partij een (deel van een) vordering heeft overgedragen, impliceert niet dat de procespartij wijzigt. De cessie maakt met andere woorden niet dat Bos Incasso BV in de procedure (van rechtswege) de wederpartij van [opposant] is geworden.
Aldus wordt geoordeeld dat [opposant] terecht zijn verzet jegens Ziggo heeft ingesteld. Wordt het verstekvonnis vernietigd en de vordering van Ziggo alsnog afgewezen, dan blijkt dat Ziggo niets te cederen heeft gehad aan Bos Incasso BV en kan deze niets incasseren. Als Bos Incasso BV dat dienstig acht, zou zij zich kunnen voegen aan de zijde van Ziggo.
Hoewel Ziggo het risico heeft genomen om niet inhoudelijk te reageren, zal de kanton-rechter haar die mogelijkheid alsnog geven, waarbij nogmaals wordt opgemerkt dat van een reconventie geen sprake kan zijn, nu [opposant] die bij zijn verzet-dagvaarding (die de rol van de conclusie van antwoord overneemt) in had moeten in te stellen.
De zaak zal verwezen worden naar de rol van
11 september 2017voor antwoord in oppositie aan de zijde van Ziggo.
Ziggo zal worden veroordeeld in de kosten van het incident, hoewel men zich kan afvragen of het hier een incident betreft.

BESLISSING

De kantonrechter:
verwijst de zaak naar de rolzitting van
11 september 2017te 10:00 uur voor het indienen door Ziggo van een conclusie als boven overwogen;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Aldus gewezen door mr. M.V. Ulrici, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 14 augustus 2017 in tegenwoordigheid van de griffier.
Griffier Kantonrechter