ECLI:NL:RBAMS:2017:9564
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen last onder dwangsom inzake horeca-activiteit en mengformule
Het algemeen bestuur van het stadsdeel Centrum legde aan de exploitant van een bakkerszaak een last onder dwangsom op vanwege overtredingen van het bestemmingsplan, specifiek het gebruik van de winkel als horeca 1 en de omvang van de mengformule. De exploitant voerde aan dat sprake was van een detailhandel met beperkte horecafaciliteiten en dat de last onduidelijk was geformuleerd, vooral over welke apparatuur verwijderd moest worden.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de last onduidelijk was, omdat gewone keukenapparatuur niet per definitie duidt op horeca 1 en het verwijderen daarvan mogelijk onnodige investeringen zou veroorzaken. De rechter benadrukte dat het gebruik van apparatuur relevant is voor de kwalificatie als horeca 1, niet de aanwezigheid ervan. De verwijzing van het algemeen bestuur naar eerdere jurisprudentie was niet van toepassing.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen, waarbij het bestreden besluit en de last onder dwangsom werden geschorst tot de uitspraak in de bodemprocedure. Tevens werd het algemeen bestuur veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van de exploitant.
Uitkomst: Het bestreden besluit en de last onder dwangsom worden geschorst tot de uitspraak op het beroep.