ECLI:NL:RBAMS:2018:10136
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M. Vaandrager
- J.M. Jongkind
- N. Saanen
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel na inbraak in supermarkt
De rechtbank Amsterdam heeft op 22 november 2018 uitspraak gedaan in een zaak betreffende de ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. De zaak betreft een inbraak in een supermarkt waarbij een geldbedrag van €4.110,- werd buitgemaakt. De verdachte werd veroordeeld voor diefstal door twee of meer verenigde personen met braak, terwijl hij werd vrijgesproken van een ander feit.
De officier van justitie vorderde aanvankelijk een ontnemingsbedrag van €6.020,-, later gewijzigd naar €4.160,-. De rechtbank baseerde zich op aangifte, verklaringen van medeverdachte en dossierstukken om het wederrechtelijk verkregen voordeel te bepalen. De rechtbank oordeelde dat de medeverdachte slechts medeplichtig was en geen deel had in de winst, waardoor het bedrag werd verdeeld tussen de verdachte en medeverdachte 2.
Na aftrek van €200,- dat aan de medeplichtige was betaald, stelde de rechtbank het te ontnemen bedrag vast op €1.955,-. De verdachte werd verplicht dit bedrag aan de Staat te betalen. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer en is gebaseerd op artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht.
Uitkomst: Verdachte is verplicht tot betaling van €1.955,- aan de Staat wegens wederrechtelijk verkregen voordeel.