Uitspraak
1.Het verloop van de procedure
2.De feiten
3.Verzoeken van partijen
subsidiair
4.De beoordeling
5.De beslissing
26 maart 2018uit te laten als bedoeld in 4.6.
Rechtbank Amsterdam
Partijen zijn gehuwd in Marokko en hebben twee minderjarige kinderen. De man verzocht de rechtbank Amsterdam om echtscheiding uit te spreken en de afwikkeling van het huwelijksvermogen te regelen. De vrouw betwistte de bevoegdheid van de rechtbank en verwees naar een lopende echtscheidingsprocedure in Marokko.
De rechtbank hield de procedure aan in afwachting van de Marokkaanse uitspraak. Later ontving de rechtbank een beëdigde vertaling van de echtscheidingsbeslissing van de rechtbank Meknès van 20 juli 2017. Op grond van artikel 12 Rv Pro en bepalingen uit het BW erkent de rechtbank deze buitenlandse echtscheiding, tenzij sprake is van strijd met de Nederlandse openbare orde, wat niet is gesteld of gebleken.
Daarom verklaart de rechtbank zich onbevoegd ten aanzien van het verzoek tot echtscheiding. De verzoeken met betrekking tot de afwikkeling van het huwelijksvermogen dienen via een dagvaardingsprocedure te worden voortgezet. De man krijgt de gelegenheid om zich hierover uit te laten. De beschikking is uitgesproken door rechter H.C. Hoogeveen op 28 februari 2018.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd voor de echtscheiding omdat de Marokkaanse echtscheidingsbeslissing erkend wordt.