Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.[eiser sub 1] ,
1.De procedure
2.De feiten
3.De vordering in conventie
4.De vordering in reconventie
5.De standpunten van partijen
6.De beoordeling in conventie
980,00
Rechtbank Amsterdam
Op 19 juni 2018 heeft de Rechtbank Amsterdam in kort geding geoordeeld over een conflict tussen de manager van het Syrische restaurant Sham en de aandeelhouders Keizer Capital c.s. De manager, die het restaurant sinds de opening in februari 2017 leidde en een aandelenbelang in het vooruitzicht had, mocht het restaurant zelfstandig blijven exploiteren totdat een definitieve rechterlijke beslissing is genomen of partijen andere afspraken maken.
De zaak ontstond na een hoogoplopend conflict waarbij de aandeelhouders de aandelenoverdracht aan de manager stopzetten en het restaurant op 21 april 2018 werd gesloten. De manager had een arbeidsovereenkomst en investeerde eigen geld in het restaurant. De aandeelhouders betwistten het mede-eigenaarschap en stelden dat de manager slechts werknemer was, die bovendien gelden zou hebben verduisterd.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de aandelenoverdracht niet kon worden afgedwongen omdat een andere aandeelhouder haar toestemming had onthouden. Wel was het onaanvaardbaar dat de manager, die het restaurant succesvol had gemaakt, werd buitengesloten. Daarom werd bepaald dat hij het restaurant mocht voortzetten, met de verplichting om de huur te betalen en een administratie bij te houden. De aandeelhouders werden verboden het restaurant zonder zijn toestemming te betreden.
De vordering van Mayfair om ontruiming te gelasten werd afgewezen. De proceskosten werden grotendeels aan de aandeelhouders opgelegd. De uitspraak benadrukt het belang van redelijkheid en billijkheid in geschillen over bedrijfsvoering en aandeelhouderschap in ondernemingen.
Uitkomst: De manager mag het restaurant Sham voorlopig zelfstandig exploiteren en aandeelhouders mogen het pand niet betreden zonder zijn toestemming.