ECLI:NL:RBAMS:2018:5112
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Kantonrechter wijst vordering af over huurprijs en beslissing huurcommissie monumentenstatus
Tussen eiseres en verhuurder bestaat een huurovereenkomst voor een woning met een maandhuur van €740. Eiseres verzocht de huurcommissie om toetsing van de redelijkheid van de aanvangshuur. De huurcommissie stelde aanvankelijk een maximale huurprijs van €599,07 vast, maar verklaarde deze beslissing later vervallen omdat partijen niet waren uitgenodigd voor de zitting.
Een nieuwe beslissing van de huurcommissie bepaalde een puntenaantal van 173 vanwege de monumentenstatus van het wooncomplex, wat resulteerde in een hogere maximale huurprijs van €857,57. Eiseres stelde dat de eerste beslissing rechtsgeldig was en dat de tweede op onjuiste feiten was gebaseerd, en vorderde bevestiging van de eerste beslissing.
De kantonrechter oordeelde dat de eerste beslissing vervallen is verklaard door de huurcommissie zelf vanwege het ontbreken van hoor en wederhoor. De tweede beslissing is inhoudelijk juist en rechtsgeldig omdat partijen daarbij wel zijn gehoord. Gelet hierop en de monumentenstatus is de overeengekomen huurprijs van €740 redelijk. De vorderingen van eiseres worden afgewezen en partijen dragen ieder hun eigen kosten.
Uitkomst: De kantonrechter wijst de vorderingen van eiseres af en verklaart de overeengekomen huurprijs redelijk.