Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
HEN DIE VERBLIJVEN IN DE ONROERENDE ZAAK OF EEN GEDEELTE DAARVAN, GELEGEN AAN DE [adres] ,
[gedaagde 1],
[gedaagde 2] ,
1.De procedure
Na verder debat hebben partijen verzocht vonnis te wijzen.
mr. J. Rutteman.
Rechtbank Amsterdam
De eigenaar van een bedrijfsruimte in Amsterdam vordert in kort geding de ontruiming van krakers die zich zonder toestemming in het pand hebben gevestigd. De eigenaar heeft sinds 2006 het pand in eigendom en beschikt over een omgevingsvergunning voor verbouwing tot hotel. De krakers zijn in oktober 2018 het pand binnengekomen en weigeren te vertrekken.
De voorzieningenrechter stelt vast dat de krakers het eigendomsrecht van de eigenaar schenden en dat de eigenaar een spoedeisend belang heeft bij ontruiming om zijn verbouwingsplannen te realiseren. Hoewel de krakers aanvoeren dat ontruiming tot leegstand leidt en dat de vergunningen mogelijk niet volledig in orde zijn, oordeelt de rechter dat de plannen van de eigenaar concreet en uitvoerbaar zijn binnen afzienbare tijd.
De verbouwingsplannen zijn onderbouwd met offertes en vergunningen, en de eigenaar heeft aannemelijk gemaakt dat de verbouwing in januari/februari 2019 kan starten. De vordering tot ontruiming wordt daarom toegewezen met een termijn tot uiterlijk 1 februari 2019. Tevens wordt een anti-herkraaktermijn van zes maanden toegekend. De proceskosten worden ieder voor eigen rekening gelaten.
Uitkomst: De krakers worden veroordeeld het pand uiterlijk 1 februari 2019 te ontruimen met machtiging tot gebruik van de sterke arm.