ECLI:NL:RBAMS:2018:9770
Rechtbank Amsterdam
- Rekestprocedure
- Rechtspraak.nl
Toekenning schadevergoeding voor onrechtmatige vrijheidsbeneming na arrestatie
Verzoeker werd op 1 mei 2018 aangehouden en hield aan deze arrestatie een periode van één dag onterechte vrijheidsbeneming over. De rechter-commissaris wees de vordering tot tenuitvoerlegging van een contactverbod af omdat verzoeker niet op de hoogte was van het verbod en het niet bewust had overtreden.
Verzoeker vroeg een schadevergoeding van €420,- voor twee dagen onterechte vrijheidsbeneming en later een aanvullende vergoeding van €1000,-. Het Openbaar Ministerie stond alleen een forfaitaire vergoeding van €105,- toe voor één dag onterechte detentie.
De rechtbank oordeelde dat verzoeker inderdaad één dag onterecht vastzat en kende de standaardvergoeding van €105,- toe. Er was geen aanleiding voor een hogere vergoeding omdat geen extra immateriële schade was aangetoond. Andere door verzoeker aangevoerde punten, zoals vermeende valse documenten en vergiftiging, werden buiten beschouwing gelaten.
De beschikking werd op 21 december 2018 door rechter W.M.C. van den Berg uitgesproken en is openbaar. Verzoeker kan hiertegen hoger beroep instellen binnen een maand na betekening.
Uitkomst: Verzoeker krijgt een schadevergoeding van €105 toegekend voor één dag onterechte vrijheidsbeneming.