Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
the President of the High Court Maramures(Roemenië) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
Rechtbank Amsterdam
De rechtbank Amsterdam behandelde het verzoek van de officier van justitie om een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uit Roemenië in behandeling te nemen voor de overlevering van een opgeëiste persoon. De procedure kende meerdere tussenuitspraken en schorsingen vanwege het ontbreken van voldoende informatie en het ernstige vermoeden van onmenselijke detentieomstandigheden in Roemenië.
De rechtbank stelde vast dat ondanks herhaalde verzoeken om individuele garanties van de Roemeense autoriteiten, deze niet werden verstrekt. Dit leidde tot een reëel gevaar op schending van artikel 4 van Pro het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, dat onmenselijke of vernederende behandeling verbiedt.
Na bijna twee jaar van procedurele vertragingen en het uitblijven van garanties, oordeelde de rechtbank dat de redelijke termijn was overschreden. Daarom verklaarde zij de officier van justitie niet-ontvankelijk in haar vordering tot in behandeling nemen van het EAB en hief zij de geschorste overleveringsdetentie op. Tegen deze uitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open.
Uitkomst: De officier van justitie is niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot in behandeling nemen van het Europees aanhoudingsbevel wegens overschrijding van de redelijke termijn.