Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Waardering van het bewijs
formidable case, waarin het zwijgen van verdachte in de bewijsoverweging kan worden betrokken, dan ook geen sprake. Los daarvan, is de stelling dat verdachte geen verklaring heeft afgelegd, onjuist. Verdachte heeft bij de politie verklaard dat hij niets met de overval te maken heeft. Ook heeft hij ten aanzien van zijn vingerafdrukken op een deel van de teruggevonden buit verklaard dat er in Amsterdam veel goederen rondgaan.
de rechtbank leest: [medeverdachte 1]) wist de werkwijze en de route en dus zou het geen probleem zijn dat hij de rit nooit eerder had gedaan.
de rechtbank begrijpt: RLG) gereden. Ze kregen daar de vracht. Vanaf daar reden ze terug in de richting van de eindbestemming TNT op Schiphol-Rijk. Het was erg druk op de weg, daarom reden ze erg langzaam. [naam collega] en [medeverdachte 1] waren een sigaretje aan het roken in de auto en hadden daarom de ramen opengedaan. De deuren konden niet van buiten worden geopend. Uit het niets stond er iemand naast de bus die iets in de zij van [naam collega] drukte. Het was iets zwarts. [naam collega] hoorde dat deze persoon riep dat hij de deur open moest doen. Nadat [naam collega] de deur had opengedaan, is die persoon naast hem in de bus komen zitten. [naam collega] moest opschuiven en zijn hoofd tussen zijn knieën doen. [naam collega] hoorde dat de persoon aanwijzingen gaf aan [medeverdachte 1] over de richting die hij op moest rijden. Opeens werd de bus tot stilstand gebracht. [naam collega] hoorde dat er andere voertuigen aan kwamen rijden. [naam collega] hoorde de persoon in de bus zeggen dat hij en [medeverdachte 1] hun hoofden tussen hun knieën moesten houden, anders zou hij hun schieten. [naam collega] voelde dat er nog steeds iets hards in zijn zij drukte. [naam collega] hoorde dat de onbekende persoon riep dat ze snel de laadruimte moesten openmaken, waarna [medeverdachte 1] de knop indrukte waarmee de laadruimte en de achterdeuren werden geopend. [naam collega] hoorde vervolgens veel lawaai en hij voelde de bus schudden. Hij schat dat er vier à vijf personen in de laadruimte waren gestapt. Dit duurde ongeveer tien minuten. [naam collega] hoorde vervolgens dat er werd geroepen: “Steek hem in de fik, steek hem in de fik”. De onbekende persoon is toen uitgestapt. [naam collega] en [medeverdachte 1] moesten vervolgens hun mobiele telefoons bij deze persoon inleveren, waarna hun mobiele telefoons door de onbekende persoon zijn meegenomen. [naam collega] hoorde vervolgens dat de voertuigen wegreden. [naam collega] en [medeverdachte 1] zijn vervolgens uitgestapt, waarna ze naar de achterzijde van de bus zijn gelopen. Ze zagen toen dat er brand in de bus was. [6]
4.Bewezenverklaring
5.De strafbaarheid van de feiten
6.De strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de straf
8.Het beslag
9.Ten aanzien van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
€ 2.600,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd.
overige niet-ontvankelijkworden verklaard in zijn vordering. De behandeling van de vordering levert voor dit deel een onevenredige belasting van het strafgeding op omdat de vordering onvoldoende is onderbouwd en het toelaten van nadere bewijslevering zou betekenen dat de behandeling van de strafzaak moet worden aangehouden. De benadeelde partij kan het resterende deel van zijn vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.
€ 3.902,26zal worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd.
€ 262.258,20, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd.
iederebenadeelde partij tot aan deze uitspraak in verband met de vordering heeft gemaakt, welke kosten de rechtbank begroot op nihil, en in de kosten die
iederebenadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog moet maken.
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
een gevangenisstrafvan
72 (tweeënzeventig) maanden.
teruggaveaan verdachte van de mobiele telefoons, zoals vermeld op de aan dit vonnis als bijlage II gehechte beslaglijst.
[naam collega]toe tot € 2.600,00 (tweeduizend en zeshonderd euro), bestaande uit € 100,00 (honderd euro) materiële schade en € 2.500,00 (tweeduizendvijfhonderd euro) immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade op 15 december 2016, tot aan de dag van de algehele voldoening.
36 (zesendertig) dagen. De toepassing van die hechtenis heft de hiervoor opgelegde verplichting niet op.
TNT Express Nederland BVtoe tot
€ 3.902,26(drieduizendnegenhonderdentwee euro en zesentwintig cent), bestaande uit materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade op 15 december 2016, tot aan de dag van de algehele voldoening.
RLG Europe BVtoe tot
€ 262.258,20(tweehonderdtweeënzestigduizend tweehonderdachtenvijftig euro en twintig cent), bestaande uit materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade op 15 december 2016, tot aan de dag van de algehele voldoening.
Wijst afde vordering tot gevangenneming.