ECLI:NL:RBAMS:2019:1611
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Beperking demonstratierecht pro-Palestina betoger op de Dam ter voorkoming wanordelijkheden
De burgemeester van Amsterdam heeft een besluit genomen dat een pro-Palestina demonstrant alleen op zondagen in de even weken maximaal drie uur op en rond de Dam mag demonstreren. Dit besluit is genomen om confrontaties en wanordelijkheden tussen pro-Palestina en pro-Israël demonstranten te voorkomen.
De betrokkene heeft bezwaar gemaakt tegen dit besluit en verzocht om een voorlopige voorziening om het besluit te schorsen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek behandeld en geoordeeld dat het recht tot betoging een grondrecht is, maar dat de burgemeester op grond van de Wet openbare manifestaties beperkingen kan stellen ter voorkoming van wanordelijkheden.
De politie-rapporten en filmopnames tonen aan dat gelijktijdige demonstraties leiden tot spanningen en ongeregeldheden. De burgemeester heeft op basis hiervan een belangenafweging gemaakt waarbij de bescherming van andere gebruikers van de Dam zwaarder weegt dan het individuele belang van de betoger.
De voorzieningenrechter acht de motivering van de burgemeester voldoende en wijst het verzoek tot voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en er staat geen rechtsmiddel open tegen deze uitspraak.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit van de burgemeester om beperkingen te stellen aan het demonstratierecht wordt afgewezen.