Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
2.De feiten
Deelgenootschap
errekening kosten huishouding
4.De beslissing
;
Rechtbank Amsterdam
Partijen zijn gehuwd onder huwelijkse voorwaarden en verzoeken echtscheiding. De rechtbank bevestigt dat het huwelijk duurzaam is ontwricht en spreekt de echtscheiding uit. De afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden en het wettelijk deelgenootschap vindt plaats op basis van de peildatum 26 februari 2018.
De echtelijke woning, bestaande uit samengevoegde appartementsrechten, wordt niet volgens de huwelijkse voorwaarden verdeeld, maar als een pseudo gemeenschap met gelijke aandelen, vanwege het feit dat partijen zich altijd als in gemeenschap van goederen hebben gedragen. De man krijgt de mogelijkheid de woning over te nemen binnen gestelde termijnen, anders volgt verkoop aan derden met verdeling van de opbrengst.
De rechtbank wijst het verzoek van de vrouw tot partneralimentatie af, gelet op haar vermogen na verdeling en het inkomen en draagkracht van de man. Verder worden de verzoeken van de man tot toedeling van bankrekeningen, inboedel, auto en boot toegewezen onder betaling van de helft van de waarde aan de vrouw. Elk draagt eigen proceskosten.
De rechtbank bepaalt dat de man aan de vrouw een bedrag van € 200.295,18 moet voldoen in het kader van de afwikkeling van het wettelijk deelgenootschap. Het verzoek tot gebruiksvergoeding wordt afgewezen omdat de vrouw onvoldoende belang heeft en de man alle lasten betaalt.
Uitkomst: De rechtbank spreekt de echtscheiding uit, wijst partneralimentatie af, en bepaalt de afwikkeling van huwelijkse voorwaarden en verdeling echtelijke woning als pseudo gemeenschap met gelijke aandelen.