ECLI:NL:RBAMS:2019:5232
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Voorlopige kinderalimentatie en gebruik echtelijke woning in familierechtelijke procedure
In deze kort geding procedure vordert de man dat hij €25 per kind per maand aan kinderalimentatie betaalt aan de vrouw. De vrouw betwist de bevoegdheid van de Nederlandse rechter en stelt dat de man meer inkomsten heeft dan hij opgeeft.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de Nederlandse rechter wel bevoegd is op grond van Brussel II bis en de Alimentatieverordening. De man heeft een onderhoudsplicht en kan een vordering instellen, mede vanwege zijn spoedeisend belang om zijn kinderen te bezoeken.
Gezien de betwisting van het inkomen gaat de rechter uit van een fictief inkomen van €3.000 netto per maand, wat leidt tot een voorlopige kinderalimentatie van €100 per kind per maand. Tevens wordt het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning aan de man toegewezen.
De proceskosten worden gecompenseerd zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. Het meer of anders gevorderde wordt afgewezen. Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De man wordt veroordeeld tot betaling van €100 per kind per maand kinderalimentatie en krijgt het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning toegewezen.