ECLI:NL:RBAMS:2019:6765
Rechtbank Amsterdam
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen preventieve last onder dwangsom voor evenement zonder vergunning
De zaak betreft een verzoek van een besloten vennootschap tegen een preventieve last onder dwangsom opgelegd door de burgemeester van Amsterdam, omdat zij een evenement wil houden zonder daarvoor een evenementenvergunning te hebben. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om een voorlopige voorziening op 7 september 2019 en wees dit af.
Verzoekster stelde dat een lopende aanvraag voor een Wabo-omgevingsvergunning het evenement zou dekken, waardoor een aparte evenementenvergunning overbodig zou zijn. De voorzieningenrechter constateerde dat er geen besluit was genomen op deze aanvraag en dat eerdere weigering van een omgevingsvergunning niet ter discussie stond. Ook was onduidelijk of de beslissing te laat was genomen, en zelfs als dat zo was, zou dat geen reden zijn om het verzoek toe te wijzen.
Daarnaast kon het beroep op het vertrouwensbeginsel niet slagen vanwege tegenstrijdige verklaringen zonder ondersteunende documenten. De belangenafweging toonde risico’s bij het doorgaan van het evenement, mede door politiecapaciteit. Het veiligheids- en verkeersplan van verzoekster bood onvoldoende basis voor een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter concludeerde daarom dat geen voorlopige voorziening getroffen kon worden en wees het verzoek af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en het griffierecht werd niet vergoed.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de preventieve last onder dwangsom wordt afgewezen.