Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 5 september 2019 in de zaak tussen
[eiser] , te [adres] , Bosnië, eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 5 september 2019.
Rechtbank Amsterdam
Eiser was laatstelijk werkzaam als facilitair medewerker en werd wegens psychische klachten arbeidsongeschikt verklaard. Het UWV stelde het arbeidsongeschiktheidspercentage aanvankelijk vast op 41,55%, maar na bezwaar verhoogde het UWV dit naar 48,03%. Eiser betwistte deze vaststelling en voerde aan dat zijn hart- en psychische klachten onvoldoende in aanmerking zijn genomen, mede door onvoldoende vertaling en beoordeling van buitenlandse medische stukken.
De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd, met betrokkenheid van verzekeringsartsen, een arbeidsdeskundige en aanvullende expertises. Alle relevante medische rapportages, ook die uit Bosnië, waren vertaald en beoordeeld. De rechtbank vond geen aanleiding om de beperkingen verder uit te breiden dan vastgesteld in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML).
Daarnaast achtte de rechtbank de geselecteerde functies passend, ook gezien de taalvaardigheid en het opleidingsniveau van eiser. De functies betroffen eenvoudig kantoorwerk op opleidingsniveau 2, waarvoor eiser voldoende bekwaam werd geacht. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en zag geen reden voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt het arbeidsongeschiktheidspercentage van 48,03%.